Evenementen

Lezing 'Hoorbaar maar onzichtbaar' door Ben Hermans

Lezing 'Hoorbaar maar onzichtbaar'
Plaats: Keizerszaal, Meertens Instituut, Joan Muyskenweg 25, Amsterdam
Tijd/datum: 15.00-17.00 uur, woensdag 1 juni 2005
Toegang: gratis
Spreker: Ben Hermans (Meertens Instituut)

Op de breuk van de Middeleeuwen en de moderne tijden hebben woorden die eindigden op -e deze klank verloren. Zo veranderden woorden als 'bedde', 'brughe', in 'bed', 'brug'. De techische term voor dit proces is "Schwa Apocope".

Het is opvallend dat dit proces op minstens drie, van elkaar gescheiden plaatsen is beginnen te werken (Noord-Engeland, Holland, en ergens in Duitsland). Dit kan natuurlijk geen toeval zijn; het moet betekenen dat de West-Germaanse talen en dialecten iets gemeen hadden dat dit proces geactiveerd heeft. Wat is deze mysterieuze eigenschap? Dit is een van de vragen die Ben Hermans in zijn onderzoek aan het Meertens probeert te beantwoorden. Op deze lezing geeft hij een globale schets van een denkbare benadering.

Hermans beweert dat bepaalde veranderingen in het klemtoon-systeem van het West-Germaans (de taal waaruit het Engels, het Nederlands en het Duits zich ontwikkeld hebben) ervoor gezorgd hebben dat "Schwa Apocope" actief werd. Herstructurering van het klemtoon-systeem heeft echter nog een tweede verandering op gang gebracht: in het West-Germaans zijn klinkers in een open lettergreep verlengd. Zo werd de klinker 'i' in een woord als 'himel' verlengd werd tot 'e'. De technische term voor dit proces is "Rekking in Open Lettergreep".

De stelling dat "Schwa Apocope" en "Rekking" veroorzaakt zijn door herstructurering van het klemtoonsysteem houdt in dat er een nauwe relatie is tussen deze twee processen. Op het eerste gezicht lijkt deze stelling nogal absurd; immers, volgens de meerderheid der klassieke geleerden heeft "Rekking" in het Nederlandse taalgebied aanzienlijk eerder gewerkt dan "Schwa Apocope". Toch probeer Ben Hermans zijn toehoorders enthousiast te maken voor deze hypothese. Hij zal laten zien dat bepaalde inzichten uit de moderne theoretische fonologie het mogelijk maken om een relatie te leggen tussen deze twee processen. De centrale gedachte hierbij is dat er klinkers zijn die wel hoorbaar zijn, maar die zich gedragen alsof ze afwezig zijn. In het (Middel)Nederlands (was) is de -e (de schwa) zo'n klinker. Hermans zal dit idee motiveren door te laten zien dat het concept 'hoorbaar maar onzichtbaar' het belangrijkste verschil verklaart tussen de Rijnlandse en de Limburgse toonsystemen.

Wat?Lezing 'Hoorbaar maar onzichtbaar' door Ben Hermans
Waar?Amsterdam (Meertens Instituut), Nederland
Wanneer?01/06/2005
Meer informatie?Meertens Instituut. Onderzoek en documentatie van Nederlandse taal en cultuur
Website