taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: start » literatuur » cultuur van het lezen »

Cultuur van het lezen

Weblog

16 november 2006

Canon

Het antwoord vindt u op de website: Nederland toen en nu:

"Het woord 'canon' (met de klemtoon op de eerste lettergreep: cànon) heeft verschillende betekenissen. Van Dales woordenboek noemt als eerste betekenis 'regel, richtsnoer, maatstaf', en in die zin is het hier bedoeld: het geheel van belangrijke personen, teksten, kunstwerken, voorwerpen, verschijnselen en processen die samen laten zien hoe Nederland zich ontwikkeld heeft tot het land waarin we nu leven".

De Nederlandse professor, Frits Van Oostrom, is één van de belangrijkste gangmakers van het initiatief. In De Volkskrant (16 oktober 2006) getuigde hij bij de presentatie van het rapport het volgende:

"Om die reden is de presentatie vanmiddag juist een vertrekpunt. Er wordt een speciale canon-website in het leven geroepen, waarop iedereen zijn canonbijdrage kan toevoegen, vergelijkbaar met de manier waarop de digitale encyclopedie Wikipedia tot stand komt. Dat is wezenlijk, dit is geen decreet; het is een gesprek. Natuurlijk houden we in de gaten hoe zich dat ontwikkelt. Je moet voorkomen dat mensen hun hobby's uitleven en de gebruiker ermee wordt opgezadeld".

Van Oostrom becommentarieerde ook de reacties:

"Natuurlijk is er kritiek, maar dat viel ook te verwachten. Over de vraag wat nu precies de vijftig meest geschikte onderwerpen voor een historische canon zijn, zal wel altijd discussie blijven bestaan. Ik twijfel zelf ook over sommige onderwerpen. Maar ik wil graag benadrukken dat ik, na de chagrijnige reacties vooraf, aangenaam verrast ben door de vele positieve geluiden".

Het kan verkeren... De Nederlandse didactiek is lang gekenmerkt door het feit dat het niet echt ingaat op inhouden, maar op het beklemtonen van vaardigheden, leerlinggerichtheid, leesplezier, etc. Het 'hoe' was belangrijker dan het 'wat'.

De Nederlandse Taalunie organiseerde vroeger al (1993) een conferentie rond de rol van de canon: De literaire canon in het onderwijs. Een reeks essays waarin diverse specialisten antwoordden op de vraag wat de moeite waard was om geleerd te worden (onder redactie van Wil Van Peer & Ronald Soetaert). De tijden waren duidelijk niet rijp voor de vraag. Vlaanderen bleek meer geïnteresseerd dan Nederland.

Er kwam wat commentaar in Vlaanderen op het Nederlandse initiatief. Waarschijnlijk is de gemiddelde Vlaamse leraar wel voor zo'n canon, zolang die niet door iemand opgelegd wordt.

Marc Reynebeau schreef een column over de hele kwestie:

"Wat moet iedereen weten over het verleden? Nederland vatte het samen in een canon met vijftig onderwerpen. Maar niets is zo willekeurig, subjectief, ideologisch gekleurd, anachronistisch en vergankelijk als een canon. Dat bewijst ook deze Belgische canon in tien hoofdpunten".

En die tien hoofdpunten staan hieronder. Het eerste canon-onderwerp citeren we volledig:

"De mens van Spy

In de negentiende eeuw was België als staat nog jong, maar, zo vond de Belgisch-nationalistische geschiedschrijving toen, het Belgische volk is veel ouder. Om dat te bewijzen, gingen Marcel De Puydt en Maximin Lohest van het Luikse Institut Archéologique op zoek naar menselijke sporen uit het verleden.

In 1886 vonden ze resten van wat later Neanderthalers bleken te zijn, in een grot in Spy, in de provincie Namen. Ze waren 40 à 60.000 jaar oud: zéér oude Belgen dus.

Die 'mens van Spy' zal nooit over zichzelf hebben gedacht dat hij Belg, laat staan Waal, was. Het enige wat over deze voorlopers van de huidige mens kan worden gezegd, is dat ze leefden op een territorium dat pas tienduizenden jaren later, door het toeval van de geschiedenis, 'België' zou heten. Geschiedenis wordt altijd in de achteruitkijkspiegel geschreven. Een anachronisme is snel gemaakt".

En zo ging Reynebeau nog negen afleveringen verder en behandelde hij de volgende onderwerpen:

a) Julius Caesar

b) Feodaliteit

c) Jeroen Bosch

d) 1585

e) Industrialisering

f) Koning Leopold II

g) Algemeen Stemrecht

h) Tweede Wereldoorlog

i) Hugo Claus

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties