Verantwoording werkwijze 1997-2002

Wij volgden de werkwijze van Hoogeveen en Bonset (1998, p. 12-15). Eerst hebben we een literatuuronderzoek uitgevoerd in verschillende Nederlandse en Vlaamse bronnen zoals onderwijskundige en didactische tijdschriften (bijvoorbeeld Moer, Vonk en Pedagogische Studiën, zie bijlage 1), proefschriften, verslagbundels van conferenties en andere uitgaven van onderzoek.

Het is echter niet ondenkbaar dat we niet alle relevante publicaties op het spoor zijn gekomen. Er zijn alleen Nederlandse en Vlaamse bronnen geïnventariseerd, geen buitenlandse bronnen zoals Engelstalige wetenschappelijke tijdschriften. Bovendien gaat het nadrukkelijk om externe publicaties.

Voor de selectie van onderzoek dat in aanmerking kwam voor onze inventarisatie, hebben we dezelfde vier criteria gehanteerd die Hoogeveen en Bonset hanteerden.

  1. We hebben ons ten eerste beperkt tot empirisch onderzoek, onderzoek waarbij er waarnemingen in de werkelijkheid worden verricht (bijvoorbeeld casestudies, enquêtes en experimenteel onderzoek) en waarbij er informatie over de praktijk van het schoolvak Nederlands verkregen is via observatie of bevraging van betrokkenen in de praktijk (bijvoorbeeld docenten, leerlingen en ouders). Literatuuronderzoek, theoretische of beschouwende publicaties en praktische lessuggesties zijn niet opgenomen in onze inventarisatie. Analyses en beoordelingen van onderwijsleermateriaal zijn wel opgenomen als er sprake was van een speciaal voor de beoordeling ontwikkeld instrument dat verantwoord wordt en er sprake was van beoordeling door deskundigen: vakdidactici, onderzoekers of leraren.

  2. Een tweede criterium was het tijdvak. Zoals eerder genoemd is, hebben we onderzoek geïnventariseerd waarover extern gepubliceerd is vanaf 1 januari 1997 tot en met 31 december 2002 in Nederland en Vlaanderen.

  3. Ten derde hebben we onderzoek geïnventariseerd dat is uitgevoerd naar het onderwijs Nederlands als eerste en tweede taal. Het onderzoek moest dus duidelijk in dienst staan van het schoolvak Nederlands. Fundamenteel onderzoek op bijvoorbeeld het gebied van de taalbeheersing en linguïstiek, is niet opgenomen. Daarnaast was een voorwaarde dat het onderwijs door docenten Nederlands gegeven moest worden tijdens uren die op het rooster als onderwijs Nederlands aangemerkt werden.

  4. Het laatste criterium betreft de definitie van voortgezet onderwijs (in Vlaanderen secundair onderwijs). Onze inventarisatie is gericht op leerlingen van twaalf tot achttien jaar in alle onderwijstypen: vbo, mavo, vmbo, havo en vwo (Nederland) en aso, tso en bso (Vlaanderen). Onderzoek naar taalonderwijs voor basisschoolleerlingen of volwassenen (bijvoorbeeld hogeschool) is niet opgenomen, tenzij dit onderzoek ook betrekking had op twaalf- tot achttienjarigen.

De samenvattingen

De publicaties zijn volgens een bepaald stramien samengevat: in gemiddeld twee à drie pagina's zijn de achtergrond, vraagstelling, methode, resultaten, conclusies en aanbevelingen voor vervolgonderzoek en/of onderwijspraktijk van ieder onderzoek weergegeven. Bovenaan iedere samenvatting staat de publicatie waarin gerapporteerd is over het onderzoek. Bij sommige samenvattingen staan er verscheidene publicaties genoemd. Dit betekent dat er dan in meer dan één publicatie over hetzelfde onderzoek is gepubliceerd.

Bij het schrijven van de samenvattingen zijn we zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke tekst gebleven. In sommige gevallen ontkwamen we er echter niet aan om zelf een vraagstelling of conclusie te formuleren, omdat die in de originele publicatie ontbrak. Verder hebben we voor een zo objectief mogelijke weergave van de onderzoeken gekozen.

Domeinen en nabeschouwingen

De samenvattingen zijn ingedeeld in zeven domeinen:

Bijlage 2 bevat een overzicht van het aantal onderzoeken en publicaties per domein.

Per domein is een nabeschouwing over alle onderzoeken in dat domein opgesteld. Deze nabeschouwing bevat informatie over het aantal onderzoeken, een overzicht van onderwerp, leerjaar, schooltype en methode per onderzoek, een samenvattend informatief overzicht en conclusies en aanbevelingen voor vervolgonderzoek en/of onderwijspraktijk.

Subdomeinen binnen de domeinen

De geïnventariseerde onderzoeken zijn per domein in navolging van Hoogeveen en Bonset (1998, p. 16-18) ingedeeld in acht subdomeinen. Deze subdomeinen beschrijven verschillende (onderwijskundige) thema's. Zie tabel 1.

Tabel 1. Subdomeinen en hun omschrijving

Subdomein Omschrijving
Onderzoek naar doelstellingen Gericht op de vraag: wat wil het moedertaalonderwijs bij leerlingen bereiken?
Onderzoek naar de beginsituatie van de leerling Gericht op attituden van leerlingen ten opzichte van de verschillende vakonderdelen, op de vrije-tijdsbesteding en op de verschillen tussen zwakke en goede leerlingen
Onderzoek naar onderwijsleermateriaal Gericht op analyses en beoordelingen van leergangen, inventarisaties en beschrijvingen van het gebruik ervan
Onderzoek naar onderwijsleeractiviteiten, descriptief onderzoek Gericht op een beschrijving van de stand van zaken van het onderwijs bij het vak Nederlands: hoe ziet de praktijk eruit?
Onderzoek naar onderwijsleeractiviteiten, construerend onderzoek Gericht op ontwikkeling en toetsing van nieuwe didactische aanpakken
Onderzoek naar onderwijsleeractiviteiten, effectonderzoek Gericht op de effectiviteit van bepaalde didactische werkwijzen op de leerprestaties van leerlingen
Instrumentatie- en evaluatie-onderzoek, beoordelingsinstrumenten Gericht op ontwikkeling en beproeving van beoordelingsinstrumenten
Instrumentatie- en evaluatie-onderzoek, onderzoek naar prestaties Gericht op de opbrengsten van het onderwijs


We danken Helge Bonset en Mariëtte Hoogeveen (Specialisten in Leerplanontwikkeling), Gert Rijlaarsdam en Tanja Janssen (Instituut voor de Lerarenopleiding, Universiteit van Amsterdam), Rita Rymenans (Universiteit Antwerpen), Maryse Bolhuis en Bart Wauters (de Nederlandse Taalunie) en Anne-Mariken Raukema (Stichting Lezen) voor hun actieve steun en adviezen.

Amsterdam, zomer 2003

De auteurs:
Martine Braaksma (Instituut voor de Lerarenopleiding, Universiteit van Amsterdam)
Eva Breedveld (Educatieve Faculteit Amsterdam)

 

Bijlage 1: overzicht van bronnen die gebruikt zijn voor het literatuuronderzoek

  • Didactief en School
  • Gramma/TTT, Tijdschrift voor Taalwetenschap
  • Inspectierapport over de basisvorming
  • Jaarboek voor Literatuurwetenschap
  • Levende Talen
  • Levende Talen Magazine
  • Levende Talen Tijdschrift
  • Moer
  • Pedagogische StudiÎn
  • Publicatielijst CITO
  • Publicaties SLO
  • Publicaties Stichting Lezen
  • Spiegel
  • Tijdschrift voor Literatuurwetenschap
  • Tijdschrift voor Onderwijsresearch
  • Tijdschrift voor Taalbeheersing
  • Tijdschrift voor Toegepaste LinguÔstiek
  • Toegepaste Taalwetenschap in Artikelen
  • Tsjip/Letteren
  • Verslagbundels Het Schoolvak Nederlands
  • Verslagbundels van conferenties Stichting Lezen
  • Verslagbundels van de VIOT-conferenties
  • Vonk
  • Losse publicaties zoals proefschriften en onderzoeksrapporten
 

Bijlage 2: overzicht van het aantal onderzoeken en publicaties per domein.

Domein Onderzoeken Publicaties
Literatuuronderwijs 25 36
Leesonderwijs 10 16
Schrijfonderwijs 10 11
Mondelinge taalvaardigheid 3 4
Taalbeschouwing en argumentatie 2 2
Domeinoverschrijdend onderzoek 8 11
Nederlands als tweede taal 7 9
Totaal 65 89

 

7 maart 2013