Juryrapport Taalunie Toneelschrijfprijs 2011

Met veel plezier heeft de jury in de afgelopen periode de inzendingen voor de Taalunie Toneelschrijfprijs 2011 mogen lezen en wegen. Zestig teksten dingen er dit keer mee naar de prijs, in dezelfde rijke schakering die het theater in het Nederlands taalgebied gelukkig kenmerkt. Drie teksten zijn uiteindelijk genomineerd voor de prijs en de keuze voor juist deze teksten lichten we hier graag toe. Alvorens dit te doen, willen we een opmerking van algemenere aard maken. De drie genomineerde teksten hebben vanzelfsprekend ieder hun eigen kwaliteiten. Wat ze bindt, is dat ze dicht op de huid van de tijd zitten. Elk van de teksten reflecteert op de actualiteit, op het huidige culturele, morele en / of politieke klimaat. Kunst heeft het vermogen de werkelijkheid te kantelen, een nieuw licht te werpen, een inspirerend, onorthodox, ontregelend perspectief te bieden, deuren te openen, huisjes omver te werpen, te bevragen wat vanzelfsprekend lijkt. De genomineerde teksten zijn hiervan voorbeelden bij uitstek, als gezegd elk op geheel eigen wijze, en onderstrepen de functie en het belang van een klimaat waarin toneelschriftuur optimaal kan gedijen.

Voor de laureaat van de Taalunie Toneelschrijfprijs 2011 bekend te maken, stellen we graag de drie genomineerde teksten voor.

Plot your city van Paul Pourveur, uitgebracht door Het Zuidelijk Toneel, is een rijke, visionaire tekst over het concept stad en de wisselwerking tussen stad en menselijke identiteit. De tekst bestaat uit een aantal delen, die steeds vertrekken vanuit een essayistische, heldere en grondig gedocumenteerde beschrijving van een concept voor de stad van de toekomst. Verhandelingen zijn het over hoe filosofie, architectuur, stedenbouwkunde en mensbeeld samen kunnen komen. Elke zogenaamde Plot begint met een fantasievolle en inspirerende omschrijving van de nagestreefde functionaliteiten, de inrichting en leefomgeving van de betreffende ideaalstad, om over te vloeien in theatrale scènes, waarin vooral de makkes aan het licht komen en de repercussies voor de mens. De gecreëerde steden, met namen als Babel City, Panoptic City en Generic City, zijn telkens gemodelleerd naar menselijke behoeften als snelheid, consumptie en effectbejag. Het grote probleem blijkt echter dat de mens de controle volkomen heeft verloren en geleefd wordt. Er is getracht alles in een rationeel kader te gieten, te becijferen volgens wetmatigheden. Wat rest is een verrationaliseerde mens, op drift en losgezongen van zijn gevoelens, maar wel nog angstvallig op zoek naar de beleving van die gevoelens. In Science Fiction-achtige beelden schetst Paul Pourveur het failliet van de maakbaarheid, met als climax de vierde Plot, Junk City, waarin de personages uit de eerdere delen elkaar ontmoeten, ronddolend in een soort niemandsland.

Paul Pourveur plaatst vragen over maakbaarheid en de weerslag hiervan op de menselijke identiteit in een nieuw daglicht. De grote kracht van de tekst is dat deze uitnodigt tot reflecteren over deze thema's. Het is ongetwijfeld geen sinecure om Plot your city te ensceneren, maar de rijkdom aan mogelijkheden voor opvoering maakt de tekst uitstekend voer voor theatermakers om hun tanden in te zetten. Hoewel de tekst helt naar de cerebrale kant, bieden de menselijke trekken van de personages, met hun (on)hebbelijkheden, driften en verlangens, gevoelens van eenzaamheid en hang naar contact voldoende aanknoping voor herkenning en identificatie. Ook weet hij door het meer en meer door laten sijpelen van poëzie ontreddering te voorkomen en ruimte te creëren voor hoop. Paul Pourveur bevestigt met Plot your city opnieuw dat hij een unieke plek inneemt in het theaterlandschap.

Bij het kanaal naar links, een productie van De Mexicaanse Hond en Olympique Dramatique, is de jongste theatertekst van Alex van Warmerdam. Door een verontrustend voorschot op de toekomst te nemen, houdt hij de maatschappij van nu een spiegel voor. Hij schetst een samenleving in verval, overgenomen door Roemenen, Paki's en Chinezen. Er zijn nog maar twee blanke gezinnen over; de Boumans, bestaande uit de lijm snuivende louche Lou en zijn zoon Lucien, en de Meyerbeers, vader Arnold, zijn hypochondrische en aan pillen verslaafde vrouw Christientje, zoon Machien en dochter Angelique. De Boumans hebben centen, de Meyerbeers hongeren. Ze zijn buren, maar leven in onmin vanwege een oude vete, waarvan het fijne duister blijft. Ook binnen de families is het niet allemaal koek en ei. Op een goede dag krijgt de verzenuwde Christientje een betrekking aangeboden bij de Boumans. Hoewel ze het geld goed kunnen gebruiken, neemt de argwaan toe: wat steekt hier achter? Het blijkt een sluwe en ultieme poging van zoon Lucien om het blanke ras te redden. Dochter Angelique Meyerbeer is immers de enig overgebleven blanke vruchtbare vrouw op aarde en door haar te bezwangeren hoopt hij de toekomst van zijn ras veilig te stellen. Aldus geschiedde; Angelique wordt met medewerking van en onder het toeziend oog van haar (schoon)ouders ter beschikking gesteld aan Lucien. Terwijl de Afrikaanse trommels steeds luider klinken, wordt ze kort daarna door haar broer, fel tegen het verbond gekant, van het leven beroofd.

Alex van Warmerdam verdedigt alle personages uit Bij het kanaal naar links met evenveel hartstocht en laat op deze manier het gevaar subtiel binnensluipen. Lang kun je meevoelen met de karakters, tot je ineens in je gezicht gemept wordt en merkt dat het louter egocentrisme, eigenbelang en pragmatisme is wat de klok slaat, dochter Angelique uitgezonderd, die als een lam naar de slachtbank geleid wordt. De karakters worden vlijmscherp gefileerd, tot op het bot, tot enkel de naakte mens overblijft, in al zijn lelijke verdorvenheid.

Bij het kanaal naar links is een parabel over jaloezie en wantrouwen, over angst voor het vreemde en haat binnen de eigen cultuur. Pijnlijk legt het stuk de huidige volksaard bloot. Alex van Warmerdam plaatst fenomenen als eerwraak en uithuwelijking in een op hol geslagen blanke omgeving en toont hoe deze zaken in elke religie en cultuur geworteld kunnen zijn die geregeerd wordt door bekrompenheid en benepenheid. Hij maakt ontluisterend duidelijk waar de weg van het blanke ras eindigt: in een doodlopende steeg. Niet vanwege de kwaadwillende buitenwereld, maar vanwege de boze binnenwereld.

De tekst is licht en scherp, poëtisch, vol suggestie en dubbele bodems, humorvol, maar continu dreigend tegelijkertijd. Nergens staat de beeldende kracht van Alex van Warmerdam de schrijver Alex van Warmerdam in de weg. Integendeel: zijn gevoel voor beeld, taal, dosering, inhoud, ernst en humor komen in Bij het kanaal naar links perfect samen.

Waakhondje van Peer Wittenbols, uitgebracht door de Toneelmakerij, is een ontwapenend kleinood over rouwverwerking. De twee zusjes Evi en Mara bestieren samen het huishouden. Sinds hun vader ruim elf maanden geleden tegen een boom gereden is, ligt hun moeder overmand door verdriet met de gordijnen dicht in bed. Ze is volkomen lusteloos en heeft zelfs geen zin meer in eten. De zusjes lopen op hun tenen om maar geen lawaai te maken, houden op alle mogelijke manieren de wind uit moeders zeilen en zorgen zo goed en kwaad als het gaat voor haar. Op een dag echter klopt Wolf aan de deur, een jongen uit de buurt. Hij moet volgende week een spreekbeurt houden en wil de zusjes zeven vragen stellen over dood en rouw. 'Vraag 1: Hoe ziet een dode er van dichtbij uit? Vraag 2: Is het eng? (...) Vraag 5: Wat betekent 'gecondoleerd' precies? Vraag 6: Hoe vaak huilen jullie per dag? (...)' Hoewel de zusjes hem proberen buiten de deur te houden en ze eerst alleen via de brievenbus met elkaar praten, laten ze hem uiteindelijk binnen. Door zijn spontane vragen over de dood en over hun vader weet hij de beklemmende sfeer te doorbreken. Langzaam bloeit moeder op, kunnen de zusjes weer ademhalen en ontstaat er een opening tot een gesprek over ieders individuele verdriet en over hoe ze hier mee omgaan. Een last valt van de schouders en er gloort weer zoiets als een toekomst samen.

Peer Wittenbols schreef Waakhondje voor de leeftijd vanaf 9 jaar. Het is knap hoe hij in eenvoudige taal een emotioneel complexe situatie weet te beschrijven. De tekst is muzikaal en speels, ingeleefd en ontroerend. Nergens wordt het sentimenteel, vaak is het zelfs grappig, ondanks de thematiek. Verrassend aan het gegeven is dat de kinderen hier zorgen voor de ouder, motor zijn van het gezin. In feite zijn de rollen omgedraaid, wat een onthutsende en scherpe observatie is van de huidige tijd. Waakhondje gaat over het een plek geven aan de dood binnen een gezin, niet onbelangrijk in een tijd waarin een van de weinige taboes nog steeds de dood is, maar het gaat zeker ook over het (on)vermogen van ouders om over hun eigenbelang heen te kijken naar het belang van hun kinderen. Niet de ouders gaan door vanwege de kinderen, maar de kinderen vanwege de ouders. Grote thema's zijn het, samengebald in een liefdevol pareltje.

Drie teksten kortom van heel onderscheidende en uitzonderlijke kwaliteit, waarvan er uiteindelijk slechts een bekroond kan worden. Met groot genoegen maakt de jury de laureaat van de Taalunie Toneelschrijfprijs 2011 bekend: Bij het kanaal naar links, geschreven door Alex van Warmerdam.

Jury Taalunie Toneelschrijfprijs 2011

  •     Michel Sluysmans (theatermaker)
  •     Lot Vekemans (auteur)
  •     Simon De Vos (regisseur, sermoen en HETPALEIS)

 

Steven Peters (secretaris), Den Haag, 21 november 2011

17 oktober 2012