Juryrapport Toneelschrijfprijs 2018

Bijna zeventig theaterteksten heeft de jury voor deze editie mogen lezen: een bemoedigend, mooi aantal. Na een fikse terugloop door de drastische bezuinigingen in zowel Nederland als Vlaanderen enkele jaren terug, lijkt de productiviteit weer bijna op haar oude niveau. En dat is verrassend, gezien het feit dat de financiële omstandigheden verre van ideaal zijn. Des te hoopgevender is het dat ook de kwaliteit van de inzendingen over de hele lijn hoog is. De jury heeft zich dan ook geïnspireerd en met veel plezier aan haar taak gewijd en is na grondig beraad tot de volgende drie nominaties gekomen. Drie heel verschillende inzendingen, elk van opmerkelijke klasse. Met plezier stellen we de genomineerde teksten voor.

Woestijnjasmijntjes van George Elias Tobal, op de planken gebracht door George & Eran Producties en De Toneelmakerij, is een fijnzinnig, gruwelijk sprookje over een realiteit die we het liefst ver van ons zouden willen houden. Vader Jakob en zijn kleine dochtertje Nour moeten vluchten voor een burgeroorlog in een land in het Oosten. Ze betalen veel geld en een dierbaar medaillon aan een mensensmokkelaar om met een boot de overtocht naar Europa te kunnen maken. De boot kapseist, maar uiteindelijk halen zij het toch. Het is knap hoe de schrijver zijn publiek bij de hand neemt. In Woestijnjasmijntjes schetst hij een magisch-realistische, kleurrijke wereld waarin grappige en vreemde figuren het hartverscheurende verhaal van Jakob en Nour vertellen. De blinde rat is de vijand die angst ruikt en Jakob en Nour intimideert in hun thuisland. Het konijn Koen is het grappige, wijze maatje van Nour, die haar door dik en dun steunt en met raad en daad bijstaat. De wrakke boot waarmee vader en dochter de overtocht maken, wordt door Jakob omgedoopt tot een zee-ezel. Nour gelooft dat ze op diens rug naar een veiligere haven varen. Tot slot is er de ijskoningin, die Jakob en Nour onderwerpt aan een spervuur van vragen voor ze door de poort van Fort Europa mogen. Woestijnjasmijntjes voelt als een universeel verhaal of zelfs een oud Arabisch sprookje; het is een tekst die uit een warmere, menselijkere kosmos lijkt te komen. Qua toon springt hij onmiddellijk in het oog: hij hanteert een geheel eigen taal en verbeeldingswereld die je in theaterteksten in de Lage Landen niet vaak tegenkomt. De tekst beschikt over een bepaald soort durf, namelijk de durf om zacht en poëtisch te zijn. Hoewel het stuk over de meest schrijnende ervaringen gaat – oorlog, vluchten, mensensmokkelaars – spreekt er een mildheid en een begrip voor medemensen uit die bewondering opwekt. Jakob en Nour weigeren elk op hun eigen manier om louter in de slechtheid van de mens te geloven, en dat is ontroerend. Vreemd genoeg is dit een tekst waaruit uiteindelijk geloof in de mensheid spreekt. Doordat je met de blik van een kind naar de wereld kijkt – een kind dat vroegrijp en koppig is, maar lang niet alles begrijpt; een kind bovendien dat van haar vader verhaaltjes te horen krijgt – valt je de absurditeit van de wereld veel scherper op. De onverbiddelijkheid en hardheid van het huidige systeem komen des te schrijnender binnen. Jakob en Nour staan symbool voor de tienduizenden anonieme vluchtelingen die de waarde van hun leven hoog proberen te blijven houden. Woestijnjasmijntjes is confronterend in zijn actualiteit, prachtig in zijn eenvoud van taal, geeft hoop en inzicht, ontroert en raakt diep. Naast het feit dat George Elias Tobal een ode schrijft aan de verbeelding – de verbeelding die wordt opgevoerd als middel om de werkelijkheid te doorstaan – doet hij dit op een manier die ervoor zorgde dat niet alleen zijn personages, maar ook wij heen en weer geslingerd werden; we wisten soms gewoonweg niet meer in welke wereld we ons bevonden. Deze ervaring raakte ons diep.

Na zijn indrukwekkende reeks mightysociety presenteert Eric de Vroedt bij zijn nieuwe gezelschap Het Nationale Theater de zesdelige, monumentale marathon The Nation. Vertrekpunt is de verdwijning van de jonge Bosnische Ismael Ahmedovic, die na het ingooien van een ruit door de politie wordt gearresteerd en vervolgens spoorloos verdwijnt. De plot samenvatten is vrijwel onmogelijk, zo duizelingwekkend en veelomvattend is deze tekst. In een flitsende opeenvolging van korte en langere scenes ontdekken we wat vooraf is gegaan aan en volgt op de verdwijning van de jongen. The Nation leest als een thriller: nergens verslapt de aandacht en het geheel voelt aan als een Deense miniserie (wat hier een compliment is). Het stuk toont een dwarsdoorsnede van onze tijd, en is in zijn uitwerking uitermate scherp op de snede. Hoewel geïnspireerd op Den Haag, zou het verhaal zich in elk West-Europees land af kunnen spelen. Het stelt essentiële vragen als: waar komen we als land vandaan? Waar gaan we naartoe? Wat bindt ons? Bestaat er zoiets als samenhorigheid of drijft alles onherroepelijk uit elkaar? De manier waarop Eric de Vroedt in The Nation maatschappelijke breuklijnen, politiek discours, flitsende nieuwsberichten, religieuze dogma's en persoonlijke angsten als grondstof voor een vijf uur durend stuk gebruikt, is indrukwekkend. Alles waar je in de pers over leest, zit in deze caleidoscopische tekst verwerkt: radicaliserende jongeren, achterstandswijken, populisme, afbrokkelende traditionele partijen, 'eigen volk eerst', 'meer of minder (kut)Marokkanen', gated communities, de roep om meer blauw op straat, extreem marktdenken, doorgedreven mediatisering. Wat bijzonder knap is, is dat het stuk de tegenstellingen voelbaar maakt, maar zelf nooit stelling neemt: je snapt de mondige salafist, je snapt de malafide projectontwikkelaar, je begrijpt waar de verbetenheid van een op Ayaan Hirsi Ali gebaseerde figuur vandaan komt, je ziet in waarom de rancune groeit, waarom nationalistische reflexen ontstaan. The Nation vermijdt iedere vorm van moralisme en ontwijkt goedkope oordelen. Het tóónt de impasse en raakt daardoor iets veel fundamentelers aan: de menselijke onmacht, de wetenschap maar een klein radertje in een grote machine te zijn, de angst voor een onvoorspelbare toekomst. De zoektocht naar vaste grond is wat de salafist, de linkse politicus, de rechtse projectontwikkelaar, de (stief)ouders van het verdwenen kind, de agenten en partijmedewerkers met elkaar verbindt. Het stuk is een intrigerend steekspel, sterk politiek geladen en overlopend van noodzaak. De dynamiek van de taal creëert hierbij ontelbare korte en lange lontjes, die permanent blijven sissen, het hele stuk lang. The Nation is een letterlijk adembenemende tekst die het 'nu' scherp onder de loep neemt en werkelijk niemand spaart; iedereen is dader en slachtoffer tegelijk. Technisch zit het verhaal zo meesterlijk in elkaar, wordt de informatie zo goed gespreid, dat je steeds op het puntje van je stoel zit en het vervolg wilt weten, verslaafd als je raakt. Het overdondert en intrigeert, bijt en doet pijn, heeft de kracht van een drilboor en is tot op het bot relevant.

Rebekka de Wit en Willem de Wolf schreven ForsterHuberHeyne op uitnodiging van Staatstheater Mainz, in coproductie met de KOE en De Nwe Tijd. Het stuk is een gevoelige en muzikale ‘trioloog’ tussen op de werkelijkheid geïnspireerde personages: Therese Heyne, Georg Forster en Ludwig Huber. In het Duitsland ten tijde van de Franse Revolutie was schrijfster en uitgeefster Therese eerst getrouwd met Georg en daarna met Ludwig. Ondanks de doorwrochte taal en de tuimelend diepe, filosofische inhoud (veel passages wil je direct herlezen) zijn de stemmen intens menselijk, ‘ademen’ ze terwijl je leest. De tastende, vorsende tekst biedt prachtige inzichten en stelt uiterst essentiële vragen, gedachten die ons van de sokken hebben geblazen, zoals: ‘Ik vind dat wij het recht hebben te mogen beginnen. (…) Elke keer opnieuw te mogen beginnen. (…) Wij hebben recht op inconsequentie. (…) Wij moeten onder alle omstandigheden ons het recht voorbehouden om te mogen beginnen. En inconsequent te zijn. Om van gedachten te veranderen.’ De drie personages, Therese, Georg en Ludwig, zijn uiterst gelaagd. Ze denken en spreken vanuit een waargebeurd verleden en maken een scherpe analyse van zichzelf, elkaar en de Umwelt: dat dwingt respect af. Het doet nergens geforceerd aan, integendeel, het levert frisse zinnen op, uitgesproken door levendige personages, die hun persoonlijke inzichten proberen te ontrafelen en wezenlijk nieuwe perspectieven trachten te bieden op onderwerpen als identiteit en waarachtigheid, gevoel en ratio, revolutie en verandering dan wel vooruitgang. ForsterHuberHeyne is een subtiele en transparante tekst, die een groot publiek verdient. De twee schrijvers brengen een prachtige synthese tot stand tussen een taaie geschiedenis en een intieme liefdesrelatie. Het is een reflectie over revolutie, over de persoonlijke zoektocht naar anders en beter; het is filosofisch en het vibreert. Het gebeurt zelden dat een tekst je niet alleen emotioneel aanspreekt, maar je er ook effectief toe aanzet je hersenen te laten kraken. ForsterHuberHeyne doet dat wel: de tekst is oprecht en geëngageerd en stemt, zonder cynisme of ironie, tot nadenken.

Drie theaterteksten met elk heel eigen en uitzonderlijke kwaliteiten, waarvan er helaas slechts een bekroond kan worden. Met groot genoegen maakt de jury de laureaat van de Toneelschrijfprijs 2018 bekend:

The Nation, geschreven door Eric de Vroedt

Jury Toneelschrijfprijs 2018:

• Nico Boon (acteur, schrijver, theatermaker) • Judith de Rijke (regisseur, schrijver) • Rob Vriens (regisseur) • Steven Peters (secretaris)

Antwerpen, 7 september 2018

6 augustus 2019