Doorzoek alle bundels


Bundel 1 | Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1986)

Bijdrage: Radio en televisie in de lessen Nederlands (Sjef Klinkenberg)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Het Schoolvak

NEDERLANDS

124

lessen observeerde, gaf de leerkracht me een papier waarop de door haar te stellen evaluatievragen geschreven stonden. De inhoud komt in grote lijnen overeen met die uit het zojuist genoemde verslag. Met name wordt ook gevraagd: wie vertelt het verhaal? Toegevoegd zijn enkele vragen over de verhouding

16

tussen beeld en geluid in diaseries   . Een nadere beschrijving van de inhoud

van les 2 uit de boven kort samengevattelessenreeks acht ik van belang.

Les 2 ging over het verhaal.: De leerlingen krijgen drie beeldverhalen te zien, ieder van vier dia's. De leerkracht stelt de volgende vragen bij het vertonen van de dia's:

  • Wat zie je op de eerste dia? Wat verwacht je dat op de tweede dia te zien is? De derde enz. Aandachtspunten daarbij: verandering van tijd, plaats en handeling.

  • Bevestigt de laatste dia je verwachtingen of geeft deze. juist een onverwachte wending?

De leerlingen maken dan zelf (polaroid)foto's. Die worden in de les becommentarieerd.

De evaluatielessen heb .ik bijgewoond en geprotocolleerd, In deze lessen werden de dia-series van de leerlingen geëvalueerd. Schriftelijk: ieder groepje leerlingen beoordeelde zijn eigen serie aan de hand van gestencilde vragen; en mondeling: de series werden aan. de klas vertoond en onder leiding van de leerkracht plenair nabesproken. De vragen van de schriftelijke evaluatie luiden als volgt:

Je gaat de dia's nu één voor één bekijken. Beantwoord dan de volgende vragen:

1 Wat zie je?

2 Wat gebeurt er?

3 Zijn er dia's die je zou kunnen missen in het verhaal?

4 Welke dia's zou je een andere keer anders maken?

5 Wat zou je veranderen? Kader, perspectief, plaats van de camera, achtergrond, meer/minder mensen, kleur?

Wat opvalt, is dat de vragen over verhaalopbouw: wie vertelt het verhaal, tijd, plaats en handeling verdwenen zijn c.q. naar de achtergrond verdwenen. De leerlingen gaan in hun antwoorden op de vragen ook niet op deze verhaal-zaken in.

Ook bij de mondelinge evaluatie in de klas, zo blijkt uit de observaties,

7 1

ontbreekt dit type vragen   . De leerkracht vraagt of de leerlingen het. verhaal