taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 1 | Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1986)


Bijdrage: Gestaltepedagogische aspecten in het literatuuronderwijs (Thijs Besems)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Thijs -Besems
15

heb ik een langdurig contact. We beleven dan van alles samen. Ik ben natuurlijk niet altijd zo rustig. In ruige gebieden met veel hoogteverschillen maak ik soms een grote val en verhoog ik mijn snelheid tot het tienvoudige. Van mijn oorspronkelijk karakter lijkt dan weinig overgebleven. In andere omstandigheden lig ik zo stil te genieten, dat het lijkt of ik helemaal niet meer beweeg.

Dat gaat zo wat verder, dat is geen kunstwerk, dat is zijn ontwikkeling van de identiteit. Als we daar enige tijd mee gewerkt hebben en dat zijn geen zes lessen bijvoorbeeld, dat kan allemaal in een halve les, dan zeg ik: "Nu gaan we eens kijken hoe kunstenaars hun identiteit uitdrukken". Dus ik begin bij hun eigen beleving, bij dat wat zij meemaken en zeg dan: "laten we eens kijken in kunstwerken waar dat in naar voren komt", en dan komen we bijvoorbeeld bij W.F. Hermans met De elektriceermachine van Windhurst.

Het klinkt nu misschien onwaarschijnlijk, maar van nature ben ik er niet zoëen die anderen direct naar de keel vliegt bij het minste verschil van mening. Mijn eerste held en zedelijk voorbeeld was Bruintje Beer, hoofdpersoon van een geïllustreerd vervolgverhaal voor kinderen, dat elke avond in de krant stond. "Kom Bruintje, ga jij eens even vlug voor me naar het dorp, want ik heb geen Lucifers meer".

"Ja moe", zegt Bruintje Beer, "ik kom zo vlug mogelijk weer".

Zo was ik ook.

Dat geeft voor de leerlingen een herkenning; ze zeggen "Ik ben er zelf mee bezig geweest en nou zie ik hoe zo'n kunstenaar met zo'n onderwerp ook bezig is en hoe hij dat uitdrukt". Ik probeer leerlingen eerst kennis te laten' maken met de Gestalt van het kunstwerk: waar het om gaat, wat de schrijver probeert uit te drukken, wat de. structuur erachter is. Bij dat deel van Hermans heb ik de identiteit als thema eruit gelicht. Bij boeken van Van der Velden bijvoorbeeld gaat het om de drugsproblematiek, over het feit dat hij in de gevangenis heeft gezeten, doordat hij teveel verdovende middelen gekregen had, .uiteindelijk heeft hij dan ook zelfmoord gepleegd. Die problematiek sluit ik eerst aan bij wat de leerlingen zelf beleven aan drugsproblemen, of zij ermee te maken hebben en of drugsproblemen voor hen belangrijk zijn. Van daaruit ga ik kijken wat de kunstenaar erover meedeelt.

Dit is het belangrijkste deel van het onderwijs in de literatuur. Ontwikkel eerst een emotionele binding en werk dan verder op alle drie niveaus: dus laat de leerlingen erbij bewegen, laat ze ook voelen en dan komt ook het denken.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties