taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 1 | Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1986)


Bijdrage: De restauratie van het moedertaalonderwijs (Kees Sluis)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Kees Sluis
209

lazen de leerlingen naar verhouding yeel, hoewel het niet altijd iets van literaire waarde was. Omdat de leerkrachten bemerkten, dat een deel van de leerlingen toch wat basiskennis en -vaardigheden miste, werden er in het afgelopen jaar enkele veranderingen in het vakleerplan gebracht. Deze veranderingen zijn;

  • er komen wat meer cursorische eenheden in het leerplan (o.a. voor. tekstbegrip);

  • er komt wat meer spellingsonderwijs ( met name in de brugklas) en grammaticaonderwijs ( met name in het tweede en derde leerjaar en vooral gericht op het aanbrengen van taalbeschouwelijk inzicht);

- in het derde leerjaar krijgen leerlingen vrij dwingende aanwijzingen voor het niveau van de te lezen boeken;

  • de remediale hulp voor leerlingen krijgt een systematischer aanpak door de programma's mër toe te spitsen op de behoeften van de individuele leerling.

Naar aanleiding van deze ervaringen kan ik de uitspraken van het NRC-Handels- blad inmiddels al behoorlijk nuanceren. In het praktijk van het: onderwijs in de 70-er jaren zijn er soms vergaande vernieuwingen doorgevoerd. Deze hebben voor het moedertaalonderwijs als positieve effecten gehad, dat het vak gevarieerder, praktischer en aantrekkelijker werd. Op de scholen waan deze vernieuwingen een kans kregen, zijn ze zeker een antwoord geweest op de motivatiecrises die in het midden van de 70-jaren manifest werd. De vernieuwers zelf stelden. echter al -vast dat zij geen Voldoende antwoord waren voor alle leerlingen. Wat kan hiervoor de verklaring zijn? Deze moet mijns inziens gezocht worden in een van de opvattingen; die achter de vernieuwingsgedachten in het onderwijs schuilging. Er bestond onder andere de opvatting, dat er een 'natuurlijk leren' plaatsvindt als-de leerling de inhoud van de aangebodenr leerstof maar boeiend genoeg vindt. Het accent in de vernieuwingsbeweging van het onderwijs kwam daardoor meer te liggen bij welke inhoud de leerling bij het leren verwerft en minder bij hoe een leerling' leerinhoud verwerft. Op' het terrein van 'hoe men leertr' diende men de lërling vooral vrij te laten (vgl. o.a. Griffioen 1975).

Gaandeweg bleek echter dat zo'n open leerweg voor een deel van de leerlingen

  • ik schat eenderde - niet goed werkte. Met name wat minder begaafde leerlingen uit niet op het schoolse leren ingestelde milieus pikten langs de weg van het 'natuurlijke leren' onvoldoende op. Omdat zij bepaalde elementaire vaardigheden en kennis misten - met name van belang voor het lezen en schrijven - gaf dit grote moeilijkheden bij de overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs en bij de overstap van school naar maatschappij. In de samenleving waren de taalnormen (bijv. op het gebied van de spelling) niet of

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties