taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 1 | Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1986)


Bijdrage: Over alfabetiseringskursussen en het voortgezet onderwijs: schijnbare uitersten raken elkaar (Marleen Claessens)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Marleen Claessens
65

ook onwenselijk. Onwenselijk, omdat de vragen en de wensen van de cursisten centraal staan. Onhandig en onlogisch, omdat het technisch niveau per cursist enorm kan verschillen. Het is niet de bedoeling om iedereen, zoals in het lager onderwijs met hun gebeurd is, te onderwerpen aan de dwang van één en hetzelfde tempo en onderwerp. De woorden uit de ervaringswereld van de cursisten staan centraal, Van daaruit worden nieuwe woorden geleerd. Omdat deze ervaringen per cursist kunnen verschillen, verschilt de kennis van taal ook. Vaak kennen cursisten wat woorden uit hun dagelijks leven.

Door te werken in een groep mensen met verschillende technische niveau's, leren de cursisten dat je van elkaar kunt leren en wordt verhinderd dat een dergelijk niveau tot norm verheven wordt. Zo blijft de mogelijkheid open dat iemand die slecht is in lezen en schrijven toch deskundigheid in huis heeft die van nut kan zijn in de groep. Goed kunnen luisteren of ervaringen kunnen verwoorden bijvoorbeeld horen óók bij het leren lezen en schrijven.

Een verbijsterde blik bij een veelgehoorde vraag: hoe kan iemand die niet kan lezen of schrijven nou verhalen schrijven en kranten lezen? Dat kan. De beheersing van 'het schrift is zowel middel als doel van lees- en schrijf- cursussen. Je leert lezen en schrijven door te lezen en schrijven. Doordat alfabetiseringswerkers zich niet laten hinderen door een vermeend gebrek aan kennis en vaardigheden, is het mogelijk om, in principe alles te lezen en te schrijven wat interessant is. Een beginnend lezer kun je iets laten vertellen wat .jij als begeleider dan opschrijft. Zo weet zij wat er staat en kan met die letters en woorden verder oefenen. Iemand anders kan haar een tekst voorlezen, terwijl ze zelf goed luistert. Samen met de begeleider of een vlotte lezer kan zij proberen (gedeeltes van) de tekst te lezen. Aanvankelijke lezers zijn vaak zeer bedreven in het 'radend' lezen. Zij hebben van de nood een deugd gemaakt en daarmee de slimste leesmethode ontwikkelt: ze pikken een aantal woorden op die ze kennen, associëren daarop en proberen het vervolg te ontcijferen met behulp van een scherpe intuïtie voor wat belangrijk is en wat niet. De begeleiders helpen met controleren in de vorm van technisch lezen. De. onbevangenheid hebben cursisten waarschijnlijk te danken aan -oh, ironie-het, feit dat zij gespeend zijn gebleven van een 'degelijke' schoolopleiding. Hoe meer school cursisten hebben gehad,'hoe vaster zij Vaak-aan de letters zitten en de inhoud vergeten.

Het viel mij in mijn groep iedere keer weer op hoe vlot een mijns inziens moeilijke tekst uit een krant begrepen werd, ondanks het feit dat deze moeizaam

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties