taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 1 | Eerste conferentie Het Schoolvak Nederlands (1986)


Bijdrage: Ieder leert op zijn eigen manier; over verschillen in leerstijlen (Lies Fonderie)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Lies Fonderie
73

  1. Al deze verschillende manieren van werken proberen we in de verschillende fasen van Kolb te plaatsen.

  2. Tenslotte bepalen we een instapmoment ( of misschien meerdere instapmomenten als het gaat om een onderdeel waar leerlingen zelfstandig aan kunnen werken) en bouwen we over het onderwerp en met behulp van (een deel van) de verschillende werkvormen een les of lessenserie op. (Wat dit laatste betreft: het model van Kolb is zowel basis voor één enkele les, als voor een hele serie lessen waarbij leerlingen uiteraard langer in een bepaalde fase verblijven.)

Tot slot een enkel voorbeeld om dit verhaal wat te illustreren. Om te beginnen een voorbeeld van een instructie-aanpak. Aan het eind van een eerste leerjaar werkten de leerlingen aan een. vrij open thema Spelletjes, waarin de hoofdvraag was of er eigenlijk nog wel huiskamerspelletjes werden gespeeld. Op een bepaald moment wilden de leerlingen ook een brief aan een speelgoedfabrikant schrijven. Ik gaf daarom een les over het schrijven van zakelijke brieven. Aan de hand van opdrachten uit verschillende taalmethodes (omdat we ook naar. niveau differentiëren) oefenden de leerlingen daarmee. De concrete ervaring was het schrijven van de echte brief, het adresseren en verzenden. De reflectie bestond uit een klassegesprek over de ervaringen: Wat was er nog moeilijk? Kan je het een volgende keer zelfstandig? Maar ook: waarom schrijven we eigenlijk zo'n brief, had het niet sneller telefonisch kunnen gebeuren? (Dit laatste bedachten de leerlingen achteraf. Maar...hoe doe je zoiets? Naar wie moet je dan vragen? En zie: een nieuwe cyclus is gestart!)

Het volgende is een voorbeeld van een reflectie-aanpak in een bovenbouw-klas. Voordat we (thematisch) met onderdelen uit de historische letterkunde beginnen, willen we graag dat de leerlingen zich realiseren wat het lezen van een oude tekst betekent. We doen dat volgens een reflectie-aanpak, waarbij we vrij lang stilstaan bij de concrete ervaring. De leerlingen laten eerst in een rollenspel zien hoe mensen in 1986 reageren en zich gedragen bij een onbeantwoorde liefde. Vervolgens lezen we een brief van Hooft, waarin hij aan het twaalfjarig dochtertje van de weduwe die hij liefheeft, vraagt om een goed woordje voor hem te doen bij haar moeder. In een klassegesprek zetten we de verschillen tussen de inhoud van die brief en het gedrag van mensen nu op een rijtje en inventariseren we wat deze brief moeilijk te lezen en te begrijpen maakt. Daarna volgt een klassikale les over het lezen van historische teksten: met welke problemen komen we dan in aanraking? (Andere woorden, andere spelling,

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties