taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 10 | Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1997)


Bijdrage: Inhoud geven aan taalvaardigheidsonderwijs (Hans Hulshof en Ton Hendrix)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

INHOUD GEVEN AAN TAALVAARDIGHEIDSONDERWIJS   169

teren. Omdat het leesdoel - begrijpend/studerend lezen - vaststaat, is de oriëntatie op de tekst ook al min of meer bepaald: moeilijke passages in de tekst kunnen voorlopig worden gelokaliseerd. Zo'n eerste lezing van de tekst biedt de docent de gelegenheid de noodzakelijke voorbereidende activiteiten te verrichten, en heeft tenslotte vooral een functie bij het verkrijgen van aanknopingspunten voor de bij 'studerend lezen' te verrichten werkzaamheden. De woorden-boekbetekenis van moeilijke woorden kan eventueel worden opgezocht en genoteerd. Complexe zinnen kunnen - indien noodzakelijk - syntactisch geanalyseerd worden. Kortom, de eerste lezing van de tekst is te zien als een oriëntatie, een eerste voorbereiding op de reeks nog te verrichten leestaken.

2.3 Studerend lezen en samenvatten

Deze fase houdt in: doordringen in de wereld van de tekst door intensief lezen aan de hand van gerichte vragen, vooral afgestemd op de interpretatie, analyse en beoordeling van de tekstgegevens. Naarmate de noodzaak om zorgvuldig kennis te nemen van de inhoud van bepaalde tekstdelen groter is (zorgvuldige interpretatie en analyse dus gewenst is), zal de te lezen tekst zelf al voor een (belangrijk) deel de vakinhoudelijke keuze van de vragen bepalen. Deze zullen vooral gericht zijn op 'betekenis van uitspraken' en 'relaties'. De vraagstelling zal in dat geval veelal zo concreet mogelijk op de tekst toegesneden en daarmee tekstafhankelijk zijn. De antwoorden van de leerlingen moeten zoveel mogelijk toetsbaar blijven aan de gegevens in de tekst. De vragen dienen zo gekozen te zijn dat de beantwoording ervan gegevens oplevert voor het schrijven van een samenvatting van de tekst.

2.4 Verwerking en beoordeling

Beoordelen kan bij lezen op verschillende niveaus plaatsvinden: op lokaal niveau in de tekst en dan is er sprake van de trits interpretatie-analyse-beoordeling. In dat geval gaat het om het opsporen en inschatten van (de geldigheid van) argumenten zonder de tekst eerst te hebben samengevat. Het beoordelen van de totale argumentatie vooronderstelt min of meer eerst samenvatten van de tekst. Deze wijze van beoordelen behoort tot de deelvaardigheden die zijn onder te brengen onder de categorie 'relaties' (logische structuur van de tekst).

Daarenboven is er nog een andere vorm van oordelen die nader aangeduid zou kunnen worden als een oordeel geven naar aanleiding van. Deze vorm van beoordelen hoort thuis onder de categorie 'communicatieve aspecten' en speelt een belangrijke rol voor het verwerken van de tekstinhoud, dat wil zeggen het opnemen in, uitbreiden of aanpassen van reeds bestaande kennis.

Beide vormen van beoordelen schieten er in de praktijk van alledag in het voortgezet onderwijs meestal bij in. De voornaamste reden daarvan is dat de

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties