taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 10 | Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1997)


Bijdrage: Taalbeleid in de praktijk van het voortgezet onderwijs (Theun Meestringa en Atty Tordoir)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

TAALBELEID IN DE PRAKTIJK VAN HET VO   219

de hele school schoolbeleid geworden is. School B is ook onlangs gefuseerd met andere scholen, waarbij voor een model gekozen is dat iedere vestiging vrij zelfstandig laat.

SCHOOL C

School C is sinds 1983 ook een school voor mavo, vbo en ivbo. Na de tweejarige onderbouw kunnen de vbo-leerlingen kiezen uit drie richtingen: techniek; economie en administratie; dienstverlening en gezondheidszorg. De school is tevens de `moederschool' van de centrale Internationale Schakelklas (ISK) in de stad. In totaal telt school C nu ruim 700 leerlingen, waarvan er 40% van niet-Nederlandse oorsprong zijn. De groep Turkse leerlingen is met 170 verreweg de grootste groep onder hen. School C zal binnenkort fuseren met een scholengemeenschap van mavo tot vwo, waarop het aantal anderstalige leerlingen toeneemt, maar waarop taalbeleid nog vrijwel helemaal van de grond moet komen.

De scholen van deze drie casestudies zijn dus allemaal vrij kleine scholen (of vestigingen van scholen). Het zijn geen bijzondere vernieuwingsscholen, behalve dan dat ze al wat langer met taalbeleid bezig zijn, de docenten staan meestal al jaren voor de klas. Het zijn scholen die representatief zijn voor vbo/mavo-scholen in kleine en middelgrote steden in Nederland.

3 OVEREENKOMSTEN TEN AANZIEN VAN TAALBELEID

Ten aanzien van de eerste drie vragen van de casestudies (in- en externe factoren, maatregelen op school) zijn op de drie onderzochte scholen veel overeenkomsten en een aantal verschillen waar te nemen. Overeenkomsten zijn bijvoorbeeld:

in alle drie gevallen heeft de gemeente een belangrijke, stimulerende rol gespeeld;

  •   fusies spelen overal een storende rol;

  •   directieleden nemen op een gegeven moment, of ontkomen er niet aan om een stimulerende rol te gaan spelen;

  •   alle scholen hebben een docent voor een aantal uren vrijgeroosterd om het taalbeleid te coördineren, die met enkele collega's van verschillende vakken een werkgroep vormt;

de `taalcoördinatoren' hebben echter moeite met hun positie ten opzichte van hun collega's: die positie is niet duidelijk omschreven in taken en bevoegdheden;

de werkgroep worstelt met de vraag hoe ze bij de collega's buiten de werkgroep meer kunnen bereiken nu ze de eerste fase achter de rug hebben van het informatiegeven over schooltaalproblemen en het aanreiken van middelen om daaraan te werken;

de sectie Nederlands is steeds verdeeld, en het lukt op geen van de drie

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties