Doorzoek alle bundels


Bundel 10 | Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1997)

Bijdrage: Eerste opvang anderstalige nieuwkomers in de reguliere klas (Yvette Smits)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

EERSTE OPVANG ANDERSTALIGE NIEUWKOMERS   293

ORGANISATIE   klassikale instructie

 

VERLOOP

- opdracht geven de namen op karton te kleven en uit te knippen

aan de leerlingen duidelijk maken dat ze de afbeelding goed moeten bekijken en dat er vragen over gesteld worden, zoals 'wie heeft een gom?' - de leerlingen antwoord laten geven door gebruik te maken van de bijgeleverde kaartjes (laartje tonen') - eerst de gevraagde voorwerpen erbij tonen - wanneer mogelijk kunnen de voorwerpen later misschien weggelaten worden bij de vraagstelling

In bovenstaande taak staat het oplossen van het probleem 'wie heeft wat op tafel staan?' centraal. Taal wordt bij deze taak gebruikt om de opdracht uit te leggen en om tot de goede oplossing te komen. Het taalaanbod in deze taak heeft met name betrekking op klasvoorwerpen en vraagzinnen die cruciaal zijn voor het oplossen van de taak, zoals 'wie heeft er een schaar?' Er wordt niet verwacht dat de nieuwkomer na een taak als deze alle aangeboden klasvoorwerpen kent, maar wel dat de leerling ze al doende zal verwerven nadat hij in meerdere taken met deze voorwerpen en gelijkaardig taalaanbod is geconfronteerd.

Hiermee komen we op een ander belangrijk punt met betrekking tot de eerste opvang. In de beginperiode wordt van de leerkracht verwacht dat deze regelmatig taken aanbiedt om de taalontwikkeling van de nieuwkomers te stimuleren. Voor de verwerving van het aangeboden taalaanbod is het van belang dat de leerlingen herhaaldelijk in verschillende contexten met het taalaanbod worden geconfronteerd. Naast het regelmatig aanbieden van taken is het van belang dat de leerkracht voor een groot, relevant en begrijpelijk taalaanbod bij die activiteiten zorgt, opdat alle nieuwkomers nieuwe elementen uit het taalaanbod kunnen oppikken.

2.1 Receptiviteit en betrokkenheid

Taalaanbod kan op verschillende momenten in de les gegeven worden. Wanneer het voor of tijdens de taak gegeven wordt, dient het overwegend om het uitvoeren van de taak mogelijk te maken. Als het taalaanbod na de taak wordt gegeven, is het meestal om de oplossing te bespreken. De nieuwkomer speelt in de beginperiode nog geen rol bij het bespreken van oplossingen en dergelijke, omdat er in deze periode geen taalproductie van de nieuwkomer geëist mag worden. Het niet verplichten tot spreken zorgt ervoor dat de nieuwkomer een stille periode door kan maken en draagt bij aan een veilig klimaat