taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 10 | Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1997)


Bijdrage: Woordenschatonderwijs in de taalklas (Mariélle Bieleman & Esther Hafkenscheid)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

36   Mariëlle Bieleman & Esther Hafkenscheid

Dit resultaat verbindt als het ware de andere twee onderzoeksresultaten en ondersteunt de aanname dat het goed kunnen inschatten van de eigen woord-kennis een belangrijke voorwaarde is voor woordverwerving. De overschatters die door het werken met Weet wat je leest geleerd hebben hun eigen woord-kennis beter in te schatten, hebben ook duidelijk veel vooruitgang geboekt op het gebied van woordverwerving. De overschatters uit de controlegroep, waarin dus geen aandacht is besteed aan het inschatten van de eigen woordkennis, zijn wat woordverwerving betreft juist achtergebleven op hun klasgenoten.

5 CONCLUSIE

Taalzwakke Nederlandse en allochtone leerlingen hebben op de middelbare school vooral een achterstand in schoolse taalvaardigheid. Een belangrijk onderdeel hiervan is hun onvoldoende ontwikkelde woordenschat. Het ontbreekt hen aan kennis van schooltaalwoorden die essentieel zijn voor een goed begrip van schoolboekteksten.

In de woordenschatlijn van Weet wat je leest wordt aandacht besteed aan het leren van schooltaalwoorden en aan het ontwikkelen van woordverwervingsstrategieën. Op het Rölingcollege in Groningen is een onderzoek uitgevoerd naar het werken met deze woordenschatlijn en naar de effecten ervan op de metalinguïstische kennis van de leerlingen en op hun woordenschat.

Het werken met de woordenschatlijn verliep in het begin niet naar volle tevredenheid: de leerlingen hadden moeite met het inschatten van de eigen woord-kennis, met het werktempo, en met het herkennen van woorden zonder context. Door de leerlingen in 'sterkte-zwakteparen' aan de oefeningen te laten werken werden deze problemen grotendeels ondervangen.

De onderzoeksresultaten tonen aan dat de woordenschatlijn van Weet wat je leest de metalinguïstische kennis van de leerlingen bevordert en daarbij ook de woordenschat van de leerlingen vergroot. Het feit dat met name de leerlingen die zichzelf op de pre-toetsen erg overschatten - de leerlingen met een mindere metalinguïstische kennis - veel vooruitgang boekten op de woordenschat-toets, bevestigt de veronderstelling dat een goed inschattingsvermogen een belangrijke voorwaarde is voor woordverwerving.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties