taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 10 | Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (1997)


Bijdrage: Toenemende variatie in onze standaardtaal tussen oude en nieuwe kerndoelen (Carl Brüsewitz)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

TOENEMENDE VARIATIE IN ONZE STANDAARDTAAL   51

Taalgebruik in verslagen van sportwedstrijden en koninklijke reportages geven een betere afspiegeling van de variatie in de uitspraak dan voorgelezen teksten als nieuwsberichten. Uit het onderzoek blijkt dat het zuidelijke Standaardnederlands een duidelijke, vastomlijnde norm kent.

De Vlaamse uitspraak zou in oorsprong gebaseerd zijn op de uitspraak die rond 1930 in 'beschaafde' kringen te horen was. Sindsdien hebben de twee standaardvariëteiten zich in een enigszins verschillende richting ontwikkeld. De uitspraak van het noordelijke Standaardnederlands is de afgelopen decennia veranderd. Er is meer uitspraakvariatie dan in Vlaanderen. De Nederlandse omroepen hebben een sterke invloed bij het invoeren van elementen in de Randstedelijke omgangstaal. Van de Velde verwacht dat de invloed van de Randstedelijke omgangstaal nog groter wordt. Ook in Vlaanderen is de invloed van de radio groot. De BRTN is al zestig jaar de feitelijke normbepaler van het zuidelijke Standaardnederlands. De Vlaamse omroep lijkt in tegenstelling tot de Nederlandse eerder achter te lopen op de ontwikkelingen in de taalgemeenschap.

3 KERNDOELEN VOOR NEDERLANDS IN NEDERLAND

Met de komst van de basisvorming krijgen alle leerlingen in de eerste drie jaar van het voortgezet (secundair) onderwijs op alle schooltypen dezelfde vakken. Voor ieder vak is vastgelegd in zogenaamde kerndoelen wat alle kinderen na drie jaar moeten kunnen. Voor het schoolvak Nederlands worden drie domeinen onderscheiden: taalgebruik, kennis over taal en taalverschijnselen, en informatievaardigheden. De begrippen standaardtaal, dialect en groepstaal komen voor in kerndoel 14 in het domein 'kennis van taal en taalverschijnselen'.

Kerndoel 14 luidt: "De leerlingen kennen het onderscheid tussen dialecten, groepstalen en standaardtalen. Zij hebben inzicht in de achtergronden van verschillen in gesproken taal, het ontstaan van talen en het in stand blijven ervan." Inzicht in verschillen in gesproken taal veronderstelt dat leerlingen ook weet hebben van de verschillen waar het om gaat.

In de basisvorming is het van belang dat leerlingen leren reflecteren op taal en taalgebruik, als ondersteuning van het leren gebruiken van taal voor hun ontwikkeling, maar ook om in communicatieve situaties juiste vormen van taalgebruik te kunnen toepassen. Leerlingen in Nederland moeten meer weten van de taalvariëteiten in België en omgekeerd dan nu gangbaar is in de bestaande schoolmethodes.

De veranderingen die zich in het Standaardnederlands voordoen, nopen tot reflectie over wat juiste vormen zijn. Taalnormen zijn variabel, ze staan niet

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties