taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 10

Tiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
Rita Rymenans & Hugo de Jonghe
1997
410 pagina's

Ter inleiding

Niet zonder trots presenteren we hierbij het tiende HSN-conferentieverslag. Het levert na de mooie Antwerpse conferentie in 1996 weer eens het gedrukte bewijs van het succesverhaal dat de conferenties Het Schoolvak Nederlands zijn geworden. Wat met Amsterdam 1986 een nog wat schuchtere aanzet beleefde, met niet eens zoveel deelnemers uit het andere land, is met Antwerpen 1996 tot een werkelijk onmisbaar Nederlands-Vlaams platform uitgegroeid: een uitstekende gelegenheid om de resultaten van onderzoek aan de mening van vakgenoten te toetsen, om verslag uit te brengen van wat men in eigen onderwijspraktijk heeft uitgetest, om ideeën uit te wisselen en om vakgenoten uit één gemeenschappelijk taal- en werkgebied te ontmoeten.

Uit de verslagen van de tien voorbije HSN-conferenties kan blijken welke verschuivingen zich inmiddels in onderzoek, ontwikkeling en praktijk hebben voorgedaan. In Antwerpen stonden communicativiteit en integratie vóór op het lijstje. In het onderwijs Nederlands van deze tijd gaat het zowel in het secundair/voortgezet onderwijs als in het basisonderwijs in de eerste plaats om de ontwikkeling van een communicatief goed functionerende taalvaardigheid. Daarvan zijn alle aspecten tijdens de conferentie aan bod gekomen. Er is o.i. tevens een duidelijke tendens merkbaar om het spreken en vooral het luisteren meer aandacht te schenken. Tegelijk dringt zich ook een sterker bewustzijn op van de noodzaak om mondelinge en schriftelijke vaardigheden en deelvaardigheden in communicatief opgezette taaksituaties te integreren. Kennisaspecten en literatuuronderwijs worden daar goed bij betrokken.

Er is ook een toenemende aandacht voor de ontwikkeling van leerlijnen vast te stellen. Uit diverse onderzoeken is intussen al wel gebleken welke taalvaardigheidseisen vervolgonderwijs en latere werkomstandigheden aan vo- en so-abituriënten stellen. Bij een afnemende beklemtoning van leerstofoverdracht en een daarmee corresponderende accentuering van begeleid leren-door-te-doen wordt de nood aan verantwoorde en zo mogelijk door onderzoek ondersteunde leerlijnen steeds dwingender. Voor een eigentijds onderwijs Nederlands is dat een grote uitdaging. Sprekers en deelnemers aan de tiende HSN-conferentie zijn zich dat goed bewust.

De genoemde ontwikkelingen zijn zowel in Nederland als in Vlaanderen vast te stellen en daarmee zit het geheel van ons taal- en onderwijsgebied behoorlijk op de lijn van de opvattingen daaromtrent in een moderne westelijke samenleving. Noordelijke en zuidelijke bijdragen laten wel één duidelijk verschilpunt zien: bijdragen van Nederlandse sprekers hebben in het algemeen een onderzoeksbasis, ook al betreft het soms echt kleinschalig onderzoek; Vlaamse bijdragen daarentegen hebben het vaak over goed beredeneerde praktijkervaring. Een en ander heeft wellicht te maken met historisch gegroeide verschillen

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties