Mijn moeder pakt voorzichtig uit bezorgdheid alles in
hoed. oorzaak, reden
Zij heeft een grote flat gekregen in de stad een week geleden
plaats tijd
Hij slaapt voor de gezelligheid bij mij vanavond
oorzaak, reden plaats tijd
De volgorde kan veranderd worden op basis van de volgende regel. *tijd gaat vooraf aan plaats,
*tijd en plaats aan oorzaak,
*tijd, plaats en oorzaak aan hoedanigheid of maat.
Dus: tijd, plaats, oorzaak, hoedanigheid/maat.
2.6. De grammatica als sturende factor
De docent geeft, kijkend naar wat de leerlingen aankunnen en hen uitdagend om meer te kunnen, receptieve, reproductieve of productieve opdrachten, met extra steun ('lijstjes'!) waar dat nodig is. Hij begint niet met regels, evenmin begint hij ergens in de grammatica, zonder rekening te houden met de verschillende moedertalen, leeftijden en niveaus van de leerlingen. Hij vraagt ze zinnen te bouwen naar hun vermogen, met behulp van bekende betekenissen, en laat leerlingen zien hoe ze vanuit het werkwoord methodisch te werk moeten gaan. Afhankelijk van de prestatie geeft hij aanwijzingen over de volgorde, leert hij ze de verbanden die ze kennen uit te drukken in het Nederlands, binnen een enkelvoudige dan wel binnen een samengestelde zin. Eveneens kan hij zijn leerlingen aanwijzingen geven, wanneer ze daaraan toe zijn, die hen kunnen helpen om hun werk zelfstandig te verbeteren. Alleen in dat geval kan hij hun ook vragen, een kromme zin opnieuw te structureren vanuit het werkwoord, kan hij volgorde-fouten aanwijzen door verwijzing naar de regels die daarvoor zijn geleerd, kan hij werken aan de morfologische nauwkeurigheid wanneer de leerling zo ver is.
Dit alles betekent dat onze taalverwervingsgrammatica een logische en intrinsieke volgorde en opbouw voor de leerling heeft: hij bepaalt die namelijk zelf!
2.7. Grammatica en leren in het Nederlands
Uit de gegeven en nog volgende voorbeelden blijkt, dat de betekenissen die bij woordenschat-onderwijs gebruikt worden, ingepast kunnen worden in het bouwen en analyseren van zinnen, zodat er een directe lijn getrokken wordt naar het schrijf- en leesonderwijs. Met andere woorden: een taalverwervingsgrammatica is een methode die als ondersteuning bij elk materiaal en bij elk schoolboek gebruikt kan worden.
Maar er is meer. Behalve leren van het Nederlands moeten leerlingen immers leren in het Nederlands. Voor onze taalverwervingsgrammatica liggen deze doelen in het verlengde van elkaar. Op het moment dat zij geleerd hebben wat het woord voor buigen, breken en barsten is, weten waar hoe? en met wel gevolg? naar vragen en op welke manier de antwoorden op zijn Nederlands vorm wordt gegeven (zie hiervóór), kan hun vervolgens in het vak techniek nieuwe werkelijkheid geleerd worden. De vakleraar laat zien, hoe een electricien een buis buigt om te voorkomen dat hij barst of breekt, namelijk door een veer (nieuw woord!) in de buis te schuiven, wat het breken voorkomt.
De taalverwervingsgrammatica leert de leerling vragen: iemand kijkt naar iets. Wie? Naar wat?
67