taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Elfde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 11 | Elfde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1998)


Bijdrage: Grammatica voor beginnende NT2-ers (Wim van Calcar & Hanneke Lentz)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Waarom? Onder welke omstandigheden? Tot welke effect? Maar daar blijft het niet bij. Ze wijst hem (wanneer de tijd daar is) expliciet op de vormgeving voor aanduidingen van plaats, tijd, hoedanigheid, oorzaak en gevolg enz.

* waar?   een plaats!   op..., in..., naast...

* wanneer?   een tijd!   om..., tegen..., over...

* waarom? reden!   omdat...

Ze wijst hem ook op de verschillende vormen die één en hetzelfde verband kan aannemen.

* De man viel doordat hij niet oplette * De man lette niet op zodat hij viel

* Hij viel als gevolg van onoplettendheid * Hij lette niet op, daardoor viel hij.

Die verbanden en hun vormen vindt een leerling terug bij de zaakvakken; om hem daarmee vertrouwd te maken kiest de docent andere oefenstof, zoals fragmenten uit zaakvakken.

Voorbeeld (Nova, les 28)

Doel: leesvragen beantwoorden en een tekstje schrijven, zoals je dat straks bij de vakken moet kunnen.

Inhoudelijk materiaal: een semi-vaktekst, platenboek met kleine informatieve teksten over het heelal. Semantisering van voor 11. moeilijke werkwoorden als 'bestaan...uit' en 'voorkomen'met behulp van het model van die werkwoorden. Na bespreken en bekijken van ieder hoofdstukje beantwoorden 11. een aantal leesvragen. Codering dient hier als controle: correspondeert het antwoord met de gestelde vraag?

Zo naar aanleiding van De zon

  1. Wat is de zon?

(antwoord: De zon is een ster.)

  1. Waardoor lijkt de zon groter dan alle andere sterren?

(antwoord: De zon lijkt groter dan alle andere sterren doordat ze dichter bij de aarde staat.)

  1. Waaruit bestaat de zon?

(antwoord: De zon bestaat uit hete gassen.)

  1. Waarom is de zon belangrijk voor de aarde?

(antwoord: De zon is belangrijk voor de aarde omdat ze ons/de aarde licht en warmte geeft.)

Afsluitende schrijfopdracht.

De leerlingen zijn er inmiddels aan gewend, geen losse, genummerde zinnen meer te schrijven maar kleine tekstjes met alinea's, in hun schrift.

alinea I gaat over de aarde

  1. bestaan...uit II

model-

  1. draaien I model-+ waaromheen?

alinea 2 gaat over de maan

  1. zijn II model-

  2. verlicht worden I

model-

+ waardoor?

enz.

68

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties