taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Twaalfde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 12 | Twaalfde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1999)


Bijdrage: Taakgericht werken bij zwakke leerders (Mieke Vandenbroucke)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

TAAKGERICHT WERKEN BIJ ZWAKKE LEERDERS   399

Wat we nu vandaag gaan doen: wij gaan zelf post spelen. Wij zijn de post,... over heel de wereld.

En we hebben vijf grote sorteercentra.

[...]

Wij zijn verdeeld in vijf groepen. En elke groep werkt voor een werelddeel.

De leerkracht verwoordt de doelstellingen voor de leerlingen heel duidelijk: ze zijn de post. Per twee zijn ze verantwoordelijk voor een postsorteercentrum en moeten ze de poststukken die ze toegewezen krijgen op de juiste plaats zien te krijgen en met het juiste vervoermiddel. Leerlingen die zich in deze taak engageren, leren al doende. Ze gebruiken hun taal om een voor hen motiverend doel te bereiken. Verschillende relevante, schoolse vaardigheden komen aan bod: de leerlingen moeten vergelijken, verbanden leggen, gebruikmaken van een atlas, de gevolgen van hun handelen inschatten. Op het eerste gezicht lijkt de taak voor de leerlingen misschien te moeilijk, maar de leerkracht geeft hen het volste vertrouwen: Wij gaan zelf de post spelen'. Hij reikt hen het nodige materiaal en de nodige ondersteuning aan, zodat de leerlingen aan de taak kunnen beginnen.

De taak nodigt vanzelf uit tot samenwerking: het is iets wat ze samen moeten doen. De leerkracht stelt zich zeer beschikbaar op; de leerlingen weten dat ze op hem een beroep kunnen doen als er problemen zijn. Er heerst een heel veilig klasklimaat. Wat de leerkracht doet, is het leerpotentieel van de taak sterker profileren door de aard van de taak in alle geuren en kleuren dikker in de verf te zetten. De leerlingen zijn al op voorhand in groepen verdeeld. Op hun bank ligt de kaart van het werelddeel dat ze zullen vertegenwoordigen als sorteercentrum.

2.2 Zelfontdekkend leren

Bij zwakke leerders is er natuurlijk altijd een kans dat ze bij moeilijke taken vastlopen, dat ze problemen ondervinden. Dit mag op zich geen aanleiding zijn om het op te geven. De taak van de leerkracht is hier om de betrokkenheid van de leerlingen hoog te houden en de leerlingen te helpen bij het oplossen van hun problemen. De manier waarop de leerkracht daarmee omgaat, wordt in de onderstaande voorbeelden geïllustreerd.

De leerkracht loopt rond terwijl de leerlingen zoeken voor welke sorteercentra hun poststukken bestemd zijn. De eerste vragen die hij altijd stelt, zijn van die aard dat hij de leerlingen zelf de kans geeft om actief op zoek te gaan naar hun probleem en naar de oplossing voor hun probleem:

  •   Wie kan daar iets van maken?

  •   Lukt het? Wat gaat er niet?

  •   Waar zijn jullie mee bezig?

Welk pakje heb je gezocht? Dit hier? Wat moest je zoeken?

Wat de leerkracht hier doet, is de leerlingen begeleiden in het omgaan met de moeilijkheden die samenhangen met de doelstellingen van de taak. Mogelijke problemen

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties