taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 12

Twaalfde conferentie Het Schoolvak Nederlands
Rita Rymenans en Hugo de Jonghe
1999
468 pagina's

GEDOCUMENTEERD SCHRIJVEN
IN DE TWEEDE FASE

Jan Boland

Het onderdeel schrijven in de vernieuwde tweede fase (bovenbouw havo en vwo) is behoorlijk veranderd. Was er in de oude situatie sprake van een centraal schriftelijk examen met een keuze uit verschillende tekstsoorten, uit de eindtermen blijkt dat schrijven nu wordt getoetst in een schoolexamen gedocumenteerd schrijven. De opdracht voor deze gedocumenteerde tekst, waarvan tekstsoort, doel en publiek gegeven zijn, sluit aan op het schrijfdossier. Een leerling kan pas toegelaten worden tot het schoolexamen schrijfvaardigheid als hij dat schrijfdossier, het handelingsdeel, naar behoren heeft afgerond.

Binnen deze kaders heeft iedere school de nodige keuzeruimte:

  •  het schoolexamen kan verschillend ingericht worden; het schrijfdossier kan uitvoerig of meer beperkt ingevuld worden;

  •  de leerlingen kunnen alle documentatie zelf verzamelen, maar de school kan er ook voor kiezen de documentatie voor het examen aan te reiken.

Dit betekent dat iedere school duidelijk keuzes moet maken en op grond daarvan komt tot een programma voor schrijven in de tweede fase.

1 SCHRIJFBLIK: EEN FLEXIBELE LEERGANG

De SLO heeft een leergang schrijven ontwikkeld, Schrijfblik geheten, met behulp waarvan het schrijfonderwijs vanaf de vierde klas vorm en inhoud gegeven kan worden (Boland & Kerremans 1998). Deze bevat voldoende materialen om een doordacht en gevarieerd schrijfprogramma samen te stellen. Schrijfblik is geen methode in de zin van een opeenvolgende serie lessen en opdrachten die in de gegeven volgorde doorgewerkt moeten worden, maar het is een leergang die flexibel van opzet is. Er zijn verschillende routes door het materiaal mogelijk. In de docentenhandleiding staan suggesties voor enkele leerroutes die de leerlingen kunnen volgen.

De leerlingen krijgen veel informatie en voorbeelden over de tekstsoorten die ze moeten gaan maken en de manieren waarop dat kan. Ook oefenen ze via gevarieerde opdrachten in het hanteren van schrijfstrategieën. Leerlingen die tekorten hebben op het gebied van belangrijke voorwaardelijke taalvaardigheden (bijvoorbeeld zinsbouw, woordkeus en grammatica), kunnen bepaalde deeloefeningen doorwerken alvorens met grotere opdrachten aan de gang te gaan. Voor invulling van zelfstandig werken en leren zijn er verschillende mogelijkheden. De docent kan zijn leerlingen stap voor stap door het pakket leiden, maar hij kan hen er ook geheel zelfstandig mee laten werken.

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties