taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Twaalfde conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 12 | Twaalfde conferentie Het Schoolvak Nederlands (1999)


Bijdrage: Van een leerlijn luisteren en spreken naar lessen (Jan Bonne)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

52   Jan Bonne

2 AAN DE SLAG

De WLS ging aan de slag met recente vakdidactische inzichten uit binnen- en buitenlandse publicaties (zie literatuuropgave, vooral Bonset e.a. 1992, Van Gelderen & Oostdam 1994, maar ook Ur 1984) en met de eindtermen en de nieuwe leerplannen Nederlands voor de eerste graad secundair onderwijs. Op basis daarvan ontwikkelde de WLS een ontwerp van curriculum, deed excerpeer- en analysewerk uit alle Vlaamse en uit de belangrijkste Nederlandse schoolboeken voor het vak Nederlands dat in deze groep en aan de KU Leuven tot stand kwam, en formuleerde voorstellen op bijscholingsmiddagen en in publicaties.

Dat leidde tot een concrete leerlijn voor de drie graden van het secundair onderwijs, met daarop geënt telkens haalbare lessen en bruikbare evaluatiemodellen. Het was en is nog altijd de bedoeling dat docenten op nascholingssessies ze samen uitproberen, bespreken en zo mogelijk ook bijsturen of verder uitbreiden. Enkel daardoor wordt de aanlevering van concreet bruikbaar materiaal gecombineerd met een bredere meta-cognitie, met nieuwe didactische vaardigheden, soepeler attitudes en verfrist onderwijsgedrag bij de geïnteresseerden. Het is uiteindelijk de bedoeling dat ze dit materiaal en de verworven inzichten op een kritische, persoonlijke en gemotiveerde manier in hun dagelijkse lespraktijk aanwenden.

We stelden ons pakket voor aan het Eekhoutcentrum, dat de nascholingen in West-Vlaanderen organiseert en coördineert. In het schooljaar 1997-98 tekenden West-Vlaamse docenten in op dit aanbod luisteren en spreken voor het eerste jaar. Dit jaar volgen opnieuw meer dan honderd docenten in West-Vlaanderen en in het diocees Brussel-Mechelen dit langlopend nascholingsproject voor het eerste en het tweede jaar.'

3 HOE IS DE LEERLIJN OPGEBOUWD?

We hebben elk schooljaar opgedeeld in vijf blokken:

  1. september - herfstvakantie;

  2. herfstvakantie - kerstvakantie;

  3. januari - krokusvakantie;

  4. krokusvakantie - paasvakantie;

  5. paasvakantie - einde schooljaar.

Vervolgens hebben we het aantal uren per blok becijferd:

  •  In de eerste en de tweede graad bijvoorbeeld hebben de leerlingen gemiddeld vier lesuren Nederlands per week en er zijn ongeveer 30 weken per schooljaar. Van die 120 lesuren vallen er nog een aantal weg, waardoor we uitkomen op 110 lesuren, anderen zeggen zelfs op 100 lesuren per schooljaar.

  •  Op basis van de Valentijnnota van het WKSO (Boone 1994) over de verhouding tussen communicatieve vaardigheden en taalbeschouwing en literatuur in het vreemdetalenonderwijs, die 60/40 voorstelt, nemen wij op realistische basis opnieuw geen 30% maar 25% lesuren en punten.

  •  Een blok telt ongeveer acht weken, wat goed is voor 32 uren. Daarvan 25% is acht lesuren voor luisteren en spreken. Die splitsen we op in zes lesuren voor

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties