taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 13

Dertiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
P.M. Nieuwenhuijsen
2000
156 pagina's

Het is evident dat de schrijf opdracht een functioneel karakter moet dragen. Het moet duidelijk zijn wanneer er sprake is van een oefensituatie (abstracte begripsvorming) en wanneer er sprake is van een toepassingsmogelijkheid (actief experimenteren).

De lessencyclus zoals hierboven beschreven kan ook door kinderen individueel doorlopen worden, maar vanuit het perspectief van de communicatieve aanpak verdient het aanbeveling om de stappen via interactie te laten verlopen. Dit komt het oefenen en doorgronden van schoolse taalvaardigheid ten goede. Bovendien sluit dit ook goed aan bij de principes van coöperatief leren zoals die voorgesteld worden door het Expertisecentrum Nederlands.

Bij de methodiek zoals die ontwikkeld is voor het volwassenenonderwijs zijn bij ieder instapmoment werkvormen beschreven die voor een groot deel gebaseerd zijn op het materiaal dat ontwikkeld is in Oxford en Cambridge. Het is een grote verscheidenheid van werkvormen die de leerkracht kan toepassen om leerprocessen in communicatieve of zo men wil interactieve situaties te laten plaatsvinden. Het zal duidelijk zijn dat in het NT2 volwassenenonderwijs vooral de tweede taal als object van leren centraal staat. De inhoud richt zich dan ook voornamelijk op talige aspecten, waarbij afhankelijk van de vooropleiding van de cursisten de mondelinge communicatieve vaardigheden (sociale vaardigheden) een min of meer belangrijke plaats innemen. Bij hoger opgeleiden of jong volwassenen zullen schoolse mondelinge taalvaardigheden (educatieve redzaamheid) meer benadrukt worden.

Wat het object van leren ook mag zijn, het ligt voor de hand dat kinderen en met name NT2 kinderen erbij gebaat zullen zijn het leerproces te benoemen en benoemd te krijgen. Nederlandse kinderen zullen erbij gebaat zijn omdat zij leren denkprocessen hardop te laten plaatsvinden. Zij leren zelf benoemen wat er te leren valt en op welke manier zij dat het best kunnen aanpakken. Docenten uit het volwassenenonderwijs die met deze aanpak werken geven aan dat studievaardigheden bij NT2 leerders sterk toenemen. Zij geven ook aan dat het een hele klus is om mensen vaardigheden bij te brengen om te kunnen reflecteren op hun eigen handelingen of producten. Met name volwassen leerders zijn gewend aan frontaal onderwijs waarbij de docent bepaalt wat er te leren valt en wat goed of fout is. Zij zijn zoals gezegd gewend aan de convergeerders leerstijl, een leerstijl waar zij overigens vaak juist over gestruikeld zijn. Zij moeten de vaardigheden die bij een andere leerstijl horen zich nog eigen maken. Dat vereist van de leerkracht een andere rol, maar ook deskundigheid met betrekking tot het geven van feed-back en het aanleren van die vaardigheden. Derhalve worden er voor het volwassenenonderwijs trainingen voor docenten georganiseerd waarin zij zich vaardig maken deze methodiek toe te passen binnen hun specifieke situatie. De rol van de leerkracht is voor het toepassen van deze methodiek dan ook van essentieel belang en tevens de vierde pijler waar deze aanpak op rust.

43

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties