taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 14

Veertiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
André Mottart
2001
480 pagina's

ring dient gezocht te worden in een terugkeer naar de elitecultuur. Cultuur dient weer normerend te worden voor de waarden die het ideale menszijn bepalen.

Lubbers mag dan politiek rechts gesitueerd worden, ook progressief-links huldigt een gelijkaardig standpunt dat uiteindelijk uitloopt op 'back-to-basics' ideeën. Zo stelt Paul Scheffer (2000) dat een autochtone elite zich zorgen dient te maken over de sociale achterstand van de allochtonen. Zijn bezorgdheid draait rond de vraag: is er wel een sterke autochtone traditie die allochtonen uit hun achterstand kan verlossen? Helaas, zo'n traditie bestaat niet, constateert de auteur. Integendeel, de Nederlandse elite kenmerkt zich door gebrek aan gevoel voor eigenwaarde, laat staan dat er zoiets zou bestaan als liefde voor de nationale cultuur of vaderlandsliefde.

Het probleem met het begrip 'culturele geletterdheid' is dat je meteen met de vraag zit: wat impliceert cultuur? Wat betekent 'hoogstaand'? Wiens 'hoogstaande cultuur'? Omdat de rol van de moedertaal en dus het schoolvak Nederlands een centrale rol vervullen in dit debat lieten en laten we ook onze leraren-in-opleiding hierover nadenken en discussiëren. We creëerden een website waarop kandidaat leraren Nederlands (samen met studiegenoten uit de alfawetenschappen) geconfronteerd worden met diverse perspectieven op eigen taal, cultuur en identiteit. Deze discussie rond geletterdheid maken we zo tot een onderdeel van het curriculum.

Grensvervagingen

De grensvervaging tussen naties is maar één van de vele grensvervagingen. Ook de grenzen tussen woord en beeld - hoef ik dat hier nog te vermelden - verschuiven. En dat heeft met meer te maken dan met de evolutie van een schoolvak als Nederlands. Veeleer spelen hier de globalisering (die ons fysieke en virtuele mobiliteit zonder grenzen biedt); de digitalisering (die ons vlugger en intenser verandert dan we konden vermoeden) en de

nieuwe economie (die van de burgers nieuwe vaardigheden en competenties vraagt) een belangrijke rol. Daarom zijn we ervan overtuigd dat we er weinig baat bij hebben te blijven hangen aan een nostalgische terugblik, maar dat we nood hebben aan een discours dat rekening houdt met de toekomst (dat eigenlijk al het heden is) – zonder overspannen utopisch te zijn.

X I Inleiding

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties