taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 14

Veertiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
André Mottart
2001
480 pagina's

Verder de vaste paragrafen: Taalgebruik-Spelling-Fictie-Informatie

Conclusie over aanpak 1:

Er is inhoudelijk noch didactisch afstemming tussen vaardigheidsparagrafen binnen het hoofdstuk. Het thema wordt niet afgesloten met een toepassingsopdracht waardoor een contextgerichte training van vaardigheden uitblijft.

De uitgever heeft kennelijk gekozen voor een aanpak die slechts uiterlijk thematisch is. Daardoor komen de voordelen van de thematische benadering niet uit de verf. De ervaring van mij en diverse van mijn collega's op school is dat dit een weinig effectief didactisch concept is. Er zijn leereffecten voor de korte termijn. Door te weinig toepassing beklijven de aangeleerde vaardigheden in te geringe mate. Er is bij lezen wel een leerlijn te onderscheiden in het boek. In klas drie blijkt daarvan weinig aanwezig bij de leerlingen. Bij de andere vaardigheden is nauwelijks van een leerlijn sprake.

Aanpak 2:   Vaardigheden stap voor stap opbouwen vanuit taalhandelingen

Voordeel: - didactische winst door transfer, integratie van kennis vindt ook buiten de paragraaf plaats: wat geleerd is bij lezen, wordt bij luisteren toegepast etc.; - motiveert door duidelijkheid over wat geleerd wordt.

Nadeel: - kan een wat starre indruk maken: in deze paragrafen moeten leerlingen steeds dezelfde taalhandeling uitvoeren, dus steeds: instrueren, vergelijken, etc.

Het nadeel is beperkt: andere paragrafen werken niet volgens de taalhandeling, ook niet de combi-opdrachten. Die gaan ook terug op in eerdere hoofdstukken aangeleerde vaardigheden.

Voorbeeld Taaldomein onderbouw (EPN Houten, vanaf 2000) mhv 1 klas 1, hoofdstuk 2

Taalhandeling: Instructies geven en uitvoeren

Paragraaf   doel

Intro   - korte inductieve `opwarmopdracht' voor taalhandeling

  1. Lezen   - hoe je een instructie herkent - hoe een instructie is opgebouwd - hoe je een instructie leest

  2. Schrijven   - hoe je een instructie schrijft

  3. Spreken,   - hoe je een instructie geeft

kijken,   - hoe je luistert naar een mondelinge instructie

luisteren

Omkijken   - reflectieopdracht na de drie vaardigheidsparagrafen Daarna volgen in elk hoofdstuk paragrafen die los staan van de taalhandeling: - fictie

- schrijven met je fantasie

- kijk op taal

- taalgereedschap:

grammatica

spelling

formuleren

woorddomein

Taalhandeling of thema als uitgangspunt bij het aanleren van taalvaardigheden? -Tom Oud 127

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties