taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 14

Veertiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
André Mottart
2001
480 pagina's

De familie van de dealer had regelmatig contacten met drie instellingen. Ik geef een overzicht van de verschillende soorten tekststructuren.

—> geeft aan dat er een opsomming, met eventueel verdere duiding, zal volgen.

Hoe zal de mens in de toekomst de uitstoot van schadelijke gassen kunnen beperken? Welke mogelijkheden blijven er over voor de ontslagen arbeiders?

—> geeft aan dat er mogelijke oplossingen of antwoorden besproken zullen worden.

Het spreekt voor zich dat bij het noteren van de studietekst, de luisteraar rekening moet en kan houden met deze signaalwoorden en -zinnen.

2.4 Notities maken

Het standaardmodel van een aantekeningenblad is het T-schema (2). Bovenaan het blad staat het hoofdonderwerp. Daaronder staat een horizontale lijn die de hele breedte van het blad inneemt.

Op ongeveer 1/4 van de breedte van het blad trek je een verticale lijn. Links van de lijn komen de kernwoorden van de luistertekst te staan. Zij geven kort de verschillende thema's van de tekst weer. Rechts staat de informatie die over de kernwoorden gegeven wordt. De boodschap wordt ook in enkele woorden genoteerd.

Alle kernwoorden staan netjes onder elkaar en krijgen zo een opsommend karakter. Het is dus nodig om de relaties tussen bepaalde kernwoorden (uitgedrukt in de tekst door signaalwoorden en -zinnen) duidelijk te maken door middel van structuurwoorden.

In T-schema's komen woorden als: OORZAAK, GEVOLG, BESLUIT, VOORBEELD, MAAR, CONCLUSIE.

In het schema is het soms mogelijk om al tijdens de luisteroefening een zekere lay-out aan te brengen. Sommige woorden kun je in hoofdletters schrijven. Ook het inspringen geeft het schema een duidelijkere structuur.

Schema's verschillen afhankelijk van het soort tekst:

1 Voorbeeldpatroon:

-algemene uitspraak, principe, wet -enkele voorbeelden ter illustratie

2 Probleempatroon:

-probleemstelling -analyse

-oorzaken

-gevolgen

-oplossingen

Leren noteren - Tom Sleeuwaert 1 37

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties