Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Het schoolvak argumentatie (Frans van Eemeren, Peter Houtlosser & Francisca Snoeck Henkemans)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

het invoeren van de doodstraf de kans bestaat dat ook mensen die zich aan een kleine overtreding hebben schuldig gemaakt de doodstraf krijgen, dan moet de doodstraf niet worden ingevoerd'.

Ook in reactie (6) is een argument verzwegen:

(6) Nee, want dan krijgt iemand die veel mensen heeft vermoord, dezelfde straf als
iemand die er één heeft vermoord. Je kunt iemand niet drie keer ophangen.

Dit is een ander geval dan de overige gevallen omdat het meisje dat hier aan het woord is de `als-dan'-uitspraak juist expliciet onder woorden heeft gebracht. Zij is tegen de doodstraf want als je de doodstraf toepast, dan krijgt iemand die veel mensen heeft vermoord dezelfde straf als iemand die er één heeft vermoord. Wat ontbreekt er nog aan deze argumentatie? Wat het meisje impliciet laat, is dat dit onwenselijk zou zijn. De argumentatie zou daarom kunnen worden aangevuld met een uitspraak waarin de norm tot uitdrukking komt die het meisje impliciet hanteert, bijvoorbeeld: de strafmaat moet afhangen van de ernst van het misdrijf.

Hoewel de betoogjes over de doodstraf allemaal nogal kort zijn, wordt er soms toch meer dan één argument gegeven. Om een goed beeld te krijgen van de structuur van een betoog, moet worden nagegaan wat voor relaties er bestaan tussen die argumenten en het standpunt. Ondersteunen de argumenten elkaar, zoals in voorbeeld (3), en is er dus sprake van onderschikkende argumentatie? Worden er verschillende onafhankelijke argumenten gegeven die elk apart een zelfstandige verdediging van het standpunt vormen, zodat de argumentatie meervoudig is? Vormen de argumenten een samenhangend geheel van redenen die alleen samen als een afdoende verdediging van het standpunt kunnen worden beschouwd en hebben we dus te maken met nevenschikkende argumentatie? Of is er misschien sprake van een combinatie van dergelijke argumentatiestructuren? Pas als duidelijk is hoe het betoog in elkaar zit is, kan bijvoorbeeld worden vastgesteld of de argumenten het standpunt nog voldoende aannemelijk maken als bij de beoordeling blijkt dat er één of meer argumenten afvallen omdat ze ondeugdelijk zijn.

Een complicatie bij het analyseren van de structuur van een betoog is dat er soms niet alleen argumenten vóór het verdedigde standpunt worden gegeven, maar ook op mogelijke tegenwerpingen van tegenstanders wordt geanticipeerd. Als duidelijk is dat de tegenwerpingen alleen maar genoemd worden om ze vervolgens als irrelevant terzijde te schuiven of om ze als onhoudbaar af te doen, dan is het probleem niet zo groot. In dat geval is het duidelijk dat de protagonist zijn standpunt meent te kunnen handhaven omdat de tegenargumenten niet opgaan. Maar soms is het niet zo duidelijk waarom de protagonist bepaalde tegenwerpingen noemt. Dan kan het lastig zijn om te bepalen of de protagonist zijn standpunt, ondanks de door hem zelf naar voren gebrachte kritiek, nog steeds meent te kunnen handhaven of dat hij in feite bereid is het standpunt op te geven.

Reactie (7) en (8) zijn voorbeelden van wat langere betogen. Laten we eens wat preciezer naar de structuur van deze twee betogen kijken, te beginnen met (7):

104 1 Het schoolvak argumentatie - Frans van Eemeren, Peter Houtlosser & Francisca Snoeck Henkemans