Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: De adolescentenroman voor de jeugd hoort thuis in het literatuuronderwijs (Helma van Lierop-Debrauwer)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

beschreven wordt is een zoektocht van personages naar hun eigen identiteit. Er worden geen pasklare antwoorden gegeven, maar mogelijkheden tot reflectie. Auteurs kiezen voor een vorm die daarbij past. Geen vastliggende structuur met een noodzakelijk happy end, maar romancomposities waarin net als in de volwassenenliteratuur sprake is van experimenten met perspectiefwisselingen en variatie in vormen.

8 De adolescentenroman in het literatuuronderwijs

Nu de jeugdliteraire adolescentenroman volwassen is geworden, is aandacht ervoor in het literatuuronderwijs gerechtvaardigd. En niet noodzakelijkerwijs in de onderbouw, maar ook in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Jeugdliteratuur is een vorm van literatuur, waarbinnen net als in de volwassenenliteratuur onderscheid gemaakt kan worden tussen literaire werken die wel en literaire werken die niet of minder aan de literaire eisen van de tijd beantwoorden. En vanuit dat perspectief bezien wordt het tijd dat het voortgezet onderwijs daar zijn conclusies uit trekt voor de inrichting van het literatuuronderwijs en serieus werk maakt van een al jaren in de vakliteratuur gewenst longitudinaal literatuuronderwijs. Hoewel de randvoorwaarden voor een dergelijk literatuuronderwijs op dit moment niet optimaal zijn en in de toekomst verbeterd zouden moeten worden (in de zin van meer jeugdliteratuur in de lerarenopleidingen en meer lesmateriaal voor het werken met jeugdliteratuur in de bovenbouw), is het desalniettemin heel goed mogelijk een start te maken. Doelen die docenten zeggen na te streven (Janssen, 1992) kunnen ook en zelfs beter gerealiseerd worden door een literatuuronderwijs waarin j eugdliteratuur naast volwassenenliteratuur wordt aangeboden dan door literatuurlessen waarin uitsluitend kennis gemaakt wordt met volwassenenliteratuur. Jeugdliteratuur sluit over het algemeen beter aan bij de belevingswereld van jongeren dan de meeste volwassenenliteratuur, zodat doelen als leesplezier en individuele ontplooiing beter bereikt kunnen worden. Maar ook doelstellingen als culturele en literair-esthetische vorming hoeven niet in gevaar te komen. Ook jeugdliteratuur behoort immers tot ons culturele erfgoed en een geïntegreerd overzicht van ontwikkelingen in de jeugd- en volwassenenliteratuur maakt dat het zich op onze cultuur wordt verbreed.

De literair-esthetische vorming wordt in het huidige literatuuronderwijs onder meer nagestreefd door het behandelen van literatuurtheorie in de klas. Werken uit de volwassenenliteratuur worden geanalyseerd en beoordeeld op de mate waarin en de wijze waarop de verschillende literaire criteria zijn uitgewerkt. Aangezien het in de volwassenenliteratuur vaak gaat om werken die door inhoud en/of stijl en structuur ver van de leerling afstaan, wordt het zoeken naar, het begrijpen en bespreken van literaire criteria bemoeilijkt. Jeugdliteraire werken als die van de genoemde auteurs uit de laatste twintig jaar laten zich op deze literaire wijze lezen als volwassenenliteratuur. Maar omdat leerlingen zich over het algemeen meer bij deze teksten betrokken voelen en ze beter doorzien, zal het inzicht in het literaire begrippenapparaat en de vaardigheid in het toepassen ervan, groter zijn dan wanneer uitsluitend met volwassenenliteratuur wordt gewerkt. Bovendien is de vergelijking van analyses van jeugdliteraire werken met lezingen van werken uit de volwassenenliteratuur een goed uitgangspunt voor dis-

De adolescentenroman voor de jeugd - Helma van Lierop-Debrauwer 1125