Doorzoek alle bundels


Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Wetenschap onder woorden: Taal en de niet-taalvakken (Nora Bogaert)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

3 De struikelblokken onderuit gehaald

Onderwijs dat vorm krijgt vanuit de kennisoverdracht-gedachte stelt dus zeer hoge eisen, en dit niet alleen op het vlak van taalvaardigheid. Voor bepaalde leerlingen zijn die eisen niet onoverkomelijk, omdat ze door hun thuismilieu worden voorbereid op het `verlanglijstje' van de school: nieuwsgierigheid naar hoe de werkelijkheid in elkaar zit wordt opgewekt, de wereld wordt bekeken en beschouwd, toegang tot informatiebronnen wordt verschaft. Het culturele kapitaal dat deze leerlingen hebben opgebouwd bevat precies die fondsen die verdere kapitalisering door de school vlot laten verlopen. Voor heel wat andere leerlingen is de kloof tussen wat de school als kapitaal vereist en hun daadwerkelijke kapitaal te groot: hun wereldkennis is van een andere aard en hun belangstelling voor de 'relevante' kennis niet ontwikkeld; de door hen verworven taalvaardigheid ligt op een ander terrein; lezen is geen gevestigde praktijk. Ze beginnen aan het leren op school vanuit een achterstandspositie en de op school aangeboden kennis belandt bij hen dan ook niet 'in het vat' maar ernaast.

In de zoektocht naar een effectief taalbeleid is de bewustwording dat leerlingen beginkapitalen hebben van zeer diverse aard en omvang een belangrijke stap. In het Vlaamse Onderwijsvoorrangsbeleid (OVB) voor secundaire scholen werd in de periode 1991-2001 gezocht naar wegen om in te spelen op de diversiteit in cultureel kapitaal en achterstelling die ontstaat vanuit het ignoreren van deze diversiteit ongedaan te maken. De ervaring in het OVB deed de overtuiging groeien dat het kennisoverdrachtmodel weliswaar kan worden 'bijgeschaafd' via een grotere leerling-gerichtheid en door een bewuster en efficiënter omgaan met de leerdoelen, maar dat meer ingrijpende effecten kunnen worden bereikt door de leerling zelf actief construerend bezig te doen zijn met de leerstof. Hoe dat in zijn werk kan gaan werd door de deelnemers uitgezocht via twee 'oefeningen'.

De eerste ronde

De denkoefening zag er in deze ronde als volgt uit:

Machtsverheffing

Opdracht: Hieronder vind je vijf mogelijke onderdelen van een les wiskunde. In deze les worden de leerlingen voor het eerst geconfronteerd met het begrip macht en de bewerking machtsverheffing. Welke onderdelen mogen in deze les niet ontbreken en in welke volgorde zouden ze dan best worden geplaatst om het meest effect te bereiken en taalhinderpalen tot een minimum te herleiden? Geef de argumenten voor je keuze aan.

1
Leerkracht: Naast optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen komen we toe aan een
vijfde bewerking: de machtsverheffing. Machtsverheffing is eigenlijk een vorm van ver-
menigvuldiging, maar dan wel een heel speciale, bv. 2 x 2 x 2 x2 of 3 x 3 x 3 x 3 x3
of 5 x 5 x 5. Wat is er zo speciaal aan die vermenigvuldiging? Wat kan je zeggen van de
getallen die in de vermenigvuldiging voorkomen? (..) Inderdaad, ze zijn gelijk. De fic-

Wetenschap onder woorden: taal en de niet-taalvakken - Nora Bogaert 1149