Doorzoek alle bundels


Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: 14-jarigen en werken met boeken: liever leeslust dan leeslast (Mai Van Loon)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

manier weet je dat er bijv. voor vierdejaars heel waardevolle boeken verschijnen en je ze nog niet moet verplichten tot het lezen van literatuur voor volwassenen vóór sommigen er zelf echt aan toe zijn. Aan de andere kant wordt met de zogenaamde jeugdroman vaak achteloos omgesprongen: schrijvers trachten de kloof tussen boeken voor kinderen en boeken voor volwassenen te dichten door over gepuber te schrijven. Er ontluikt altijd van alles in jeugdromans, de hoofdpersoon heeft de leeftijd van de beoogde lezer, de toon is vaak modieus om aansluiting te vinden...wat maakt dat vele jeugdboeken komen en gaan zonder sporen na te laten. Een goed boek is voor iedereen een feest om te lezen. Heel wat leerkrachten hebben geen tijd of vinden het beneden hun waarde om zelf veel met jeugdboeken bezig te zijn, of zelfs het aanbod vanop afstand te volgen. In België is het tijdschrift "Leesidee jeugdliteratuur" (www.bib.vlaanderen.be) een goede richtlijn, in Nederland publiceert o.a. Ruud Kraaijeveld regelmatig uitvoerige besprekingen van goede jeugdboeken.

2 Met boeken werken in de klas

Met boeken werken in de klas heb ik al op heel wat verschillende manieren gedaan. Op dat gebied hangt veel af van omstandigheden: met meer uren Nederlands vroeger kon je gemakkelijker tijd maken om een volledig boek in de klas te lezen en te bespreken of om samen met de leerlingen een toneelbewerking van een boek te maken en te spelen. 4 uren Nederlands met meer aandacht voor vaardigheden en een steeds uitgebreider programma doen je anders werken. Wat ik jullie vertel, gaat dus duidelijk om eenvoudige zaken, een individuele ervaring, recht vanuit de klaspraktijk, geen zwaar didactisch geschut. Zo vind ik het de laatste jaren voor de leerlingen niet meer zo interessant om één boek uitgebreid te bespreken. Welke keuze maak je voor een klas? Blijven zij geïnteresseerd? Als je al niet zo'n gretige lezer bent en het dan nog om een boek gaat dat je niet echt ligt, vergaat de lust tot lezen je wel helemaal. Als leerkracht heb je toch een beetje de neiging om steeds maar meer en dieper te bespreken, want je ontdekt er zelf ook steeds meer in. Het kan nuttig en waardevol zijn om zoiets over te brengen, leerkrachten leggen nu eenmaal graag iets uit, maar een boek is geen voorwerp van studie dat je in de klas met een ontleedmes te lijf moet gaan. En met een examen mogen(moeten) de leerlingen dat nog eens geheugenmatig met hetzelfde boek overdoen. Als volwassene lezen we ook geen boeken om ze te gaan analyseren, leesplezier blijft belangrijk. Natuurlijk vinden we het als leerkracht nodig dat leerlingen stilaan veel leren zien en begrijpen in boeken (via analyse), maar dat kan via fragmenten, korte verhalen.

Over het literair lezen in de klas wil ik kort graag het volgende zeggen, of het nu om fragmenten, korte verhalen, een boek gaat. Die keuze maakt de leerkracht, vaak het gebruikte handboek natuurlijk. Meer inzicht in personages, soorten spanning, thema, vertelperspectief, tijd, structuur, verhaallijnen, ... komen in een derde jaar voor het eerst echt aan bod. Bovendien is literaire taal een heel eigen taal. Daarvoor gebruik ik naast fragmenten uit boeken ook films ,strips, toneel, soaps, soms reclame (voor personages bijv.). Een fragment wordt niet van a tot z besproken, het gaat vooral om bepaalde verhaalaspecten. Ik ben een beetje afgestapt van de tekstafhankelijke vragen,

200 114-jarigen en werken met boeken: liever leeslust dan leeslast... - Mai Van Loon