Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Rewriting: techniek en feedback (Hugo de Jonghe)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

De stappen zijn duidelijk: een aandachtige screening leidt tot een aantal vaststellingen; daarna volgt een nieuwe clustering (thematische ordening) van de inhoudelijke gegevens; daarop volgt dan weer het feitelijke herschrijven. Uit latere gesprekken met de auteurs bleek dat ze na de opleiding (twee halve dagen, met onder meer tal van her-schrijfdemonstraties) anders naar hun teksten waren gaan kijken.

Centraal in het herschrijven staat het herclusteren van de inhoudelijke gegevens nadat die eenmaal uitgesplitst zijn. Met een tekstverwerker is dat gemakkelijk te doen: de bewerking kan op de ingelezen of ingetikte tekst gebeuren. Het verdient wel aanbeveling op een kopie te werken. Het komt erop aan dat van iedere zin precies wordt uitgemaakt welke informatie hij bevat en hoe die informatie met de overige zinnen te maken heeft. Men vormt samenhangende informatieclusters door samenhorende informatie-elementen samen te zetten. Daarna kan het herschrijven beginnen.

6 Problemen en valkuilen

Zowel bij redactionele als bij didactische toepassing van rewriting doet zich een aantal moeilijkheden voor. Die hebben te maken met de complexiteit van het schrijven zelf, de tekstsoorten en het gradatieprobleem bij schrijftraining.

Schrijven is een complexe bezigheid. Op elk van de tekstaspecten kan bijsturing nodig zijn. Teksten worden soms in zo lamentabele toestand voorgelegd dat rewriting praktisch op compleet herbeginnen neer lijkt te komen. In dat geval is er én bij redactiewerk én bij training maar één afdoende remedie: stuur de tekst terug, met een duidelijke instructie, zeker wat alle perifere aspecten betreft.

De tweede moeilijkheid betreft de tekstsoorten. We weten dat die met de tijd mee-evolueren, zodat hun uitzicht vaak geleidelijk door andere, vaak nergens geëxpliciteerde regels bepaald wordt. Nog onlangs deed een dergelijke moeilijkheid zich in mijn directe omgeving voor toen auteurs van een informatieve, sterk wetenschappelijke publicatie onbekend leken te zijn met de Angelsaksisch georiënteerde wijze om hun tekst van notenapparaat, literatuurverwijzingen en literatuurlijst te voorzien. Ze klampten zich hardnekkig vast aan een star Frans-Belgisch systeem dat ze in hun studiejaren hadden leren kennen. Ook wezen ze een eindredactie van de hand, met het gevolg dat de artikelen in veel verschillende tekstaspecten grote verschillen te zien gaven.

Over structuur en uitzicht van moderne zakelijke tekstsoorten is overigens vaak weinig kennis toegankelijk. Uitzonderingen zijn zakenbrieven, reclameteksten en -blijkens de vele publicaties die daaraan gewijd zijn - ook de teksten die ik onder de naam wetenschappelijke scriptie' wil samenvatten. Verder zijn er uiteraard ook de erg stereotiepe tekstsoorten die we in de wereld van wetgevers, juristen en notarissen aantreffen. Maar dat is een ander verhaal.

Rewriting: techniek en feedback - Hugo de Jonghe 217