Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: "Writing across the curriculum": leren door middel van schrijven (Rob van der Peet)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

• In conceptteksten en in toetsen met open vragen zijn taalfouten heel normaal, want vrijwel niemand is in staat om in één keer een foutloze tekst van enige omvang te schrijven (als u hieraan twijfelt, moet u uw eigen e-mailberichten eens nalezen).

Veel taalfouten verdwijnen vanzelf, mits studenten de kans krijgen om hun teksten te reviseren. Zodra ze meer vat krijgen op het onderwerp van hun tekst, ontstaat mentaal de ruimte om taalfouten te signaleren en te corrigeren. Door op taalfouten te blijven hameren, maakt u het probleem alleen maar erger. Veel constructiever is het om studenten ervan te doordringen dat lezers zich aan taalfouten ergeren, om vooral op de inhoud van het schrijfwerk te reageren en om studenten zelf verantwoordelijk te stellen voor het verbeteren van hun taalfouten. Dit laatste bereikt u met het systeem van minimale correctie (Haswell, 1983). Zet bij elke alinea met taalfouten een X in de marge en weiger het schrijfwerk inhoudelijk te beoordelen totdat de student zijn taalfouten verbeterd heeft. U zult dan merken dat studenten wel degelijk foutloos kunnen schrijven.

Wanneer hier gepleit wordt voor meer schrijfactiviteiten in de opleiding, hoeft u dus niet bang te zijn dat u studenten moet leren schrijven, want dat kunnen ze al. Afgezien daarvan is schrijven in een beroepsopleiding geen doel maar een middel om te leren. In dit artikel leest u wat schrijvend leren inhoudt.

2 Schrijvend leren

Schrijvend leren is een van oorsprong Brits idee dat bekend is geworden via een onderzoek naar de ontwikkeling van schrijfvaardigheid bij leerlingen van 11 tot 18 jaar (Britton e.a., 1975). Tijdens dit onderzoek stonden twee vragen centraal: Voor wie schrijft de leerling? en Waarom schrijft de leerling?

Over het antwoord op de eerste vraag kunnen we kort zijn. De onderzoekers constateerden dat leerlingen vrijwel alleen voor hun docent schreven. De leerlingen zagen de docent niet als een geïnteresseerde lezer maar als iemand die hun schrijfwerk beoordeelde, zelfs wanneer de docent dit niet zo bedoeld had. Waarschijnlijk kwam dit doordat het merendeel van het schrijfwerk wel degelijk bedoeld was om door de docent te worden beoordeeld. Hieruit concludeerden de onderzoekers dat schrijven in het onderwijs vooral wordt gebruikt om leerlingen te toetsen. Schrijven maakt geen deel uit van het leerproces maar vindt pas plaats nadat het leerproces is afgesloten. Hierdoor blijven de mogelijkheden van schrijven als middel om te leren volledig onbenut.

De tweede vraag van de onderzoekers was gericht op de functies die het schrijfwerk van leerlingen vervulde. Deze vraag vergt enige toelichting. Parallel aan de reacties die een schrijver van zijn lezers verwacht, maakten de onderzoekers onderscheid tussen expressief, transactioneel en poëtisch taalgebruik.

Bij expressief wordt van de lezer verwacht dat hij vooral geïnteresseerd is in de schrijver zelf. Dit maakt dat de schrijver zich vrij voelt om zijn gedachten en gevoelens de vrije loop te laten zonder bang te hoeven zijn dat de lezer op elke slak zout legt. Van de lezer wordt verwacht dat hij aan een half woord genoeg heeft en bereid is de rest er zelf bij te denken. Expressief schrijven - ook wel exploratief schrijven

228 1 "Writing Across the Curriculum" Ieren door middel van schrijven - Rob van der Peet