Doorzoek alle bundels


Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Groot onderhoud tweede fase (André van Dijk)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

organised and peaceful climate in the classroom promotes learning and pupil development. At the same time, a good teaching climate requires a learning environment that is safe, supporting and challenging." Een veilige plaats. De leerling maakt fouten om ervan te leren. De bewoordingen pastoral care en safe environment brengen ons het beeld van de locus amoenus in herinnering, de metafoor van de ommuurde tuin waarbinnen het veilig spelend leren is. Anderzijds spreekt de onderwijsinspectie van doorstromen. De zogenaamde kwaliteitskaart spreekt een sturende taal. De systematiek van de kwaliteitskaart laat voor elke school de doorstroomgetallen zien. Dit beeld uit de wereld van het watermanagement brengt dynamiek op organisatieniveau voor het geestesoog. Doorstroomresultaten zien op een stelsel van rivieren – zij-armen en hoofdstromen – waar verantwoord watermanagement zorg draagt voor goede doorstroming in de delta op straffe van poelvorming en dode rivierarmen en niet-renderende retentiebekkens. Wie als leerling te lang in de veilige omgeving uitdagingen aanneemt, ziet zich tot zijn verrassing afvloeien. In de basisvorming zijn de zittenblijvers dan ook verdwenen. Veilige plaats en doorstroomresultaten. Locus en flux. Paradoxale beelden.

3. De conferentie Zorg om het vak Nederlands levert tal van metaforen op die de positiebepaling van de LVVN duidelijk maken. Hier de tekst van een abstract:

"De Tweede Fase heeft het literatuuronderwijs in de crisis gebracht. Als docent en leerling zich - door inspectie, school of sectie gecontroleerd - aan de officiële richtlijnen houden, blijft er te weinig tijd over om de wettelijke eindtermen te behalen. De docent echter, die bereid is tegen de onderwijspolitieke stroom in te roeien, bevindt zich historisch gezien in goed gezelschap, krijgt bijval van menige leerling en bewijst de maatschappij een goede dienst. "

In deze tekst treft de lezer een beeld van grote schoonheid en eenzaamheid. Tegen de stroom inroeien. Zelfs: Alleen tegen de stroom inroeien. De leraar Nederlandse taal die zijn eigenzinnige waterweg gaat. Ook de opening is krachtig. Het markteconomische beeld van crisis. In het woordveld van crisis voegden zich op de discussiemiddag van de conferentie (Utrecht, zaterdag 24 november 2001) nog een aantal connotaties. Naast crisis: boekhouder. De boekhouder die de studielast-uren en de percentages per vakdomein nauwgezet telt.

De boekhouder die zich laat contre-rollen en slaafs de regels volgt. De LVVN biedt ruimte aan roeiers en bant boekhouders uit.

Wat levert ons dit commentaar op? We hebben diagnostisch gelezen – aan action reading gedaan - teneinde een ontwikkelingsrichting te bepalen.

Een willekeurige stoet van werkelijkheidsbepalende beelden laat de neerlandicus in het voortgezet onderwijs zien als krijgshaftige professional in stelling, als een eenzame roeier tegen de stroom in, - en dat in de school als rivierdelta waar het management doorstroom-gegevens meet – als pastorale werker, als abjecte boekhouder die studielasturen optelt en percentages uitrekent. De leraar is ook nog tuinman voor klein of tuinarchitect voor groot onderhoud met als doel de zichtlijnen vrij te houden. De zichtlijnen waar het in het park van zijn vak om draait. Een heterogene beelden-

Groot onderhoud Tweede Fase - André van Dijk 1 263