Doorzoek alle bundels


Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Zorg om het schoolvak Nederlands (Jan Stroop)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

de volgende overwegingen een rol. Dat vaardigheden een belangrijk onderdeel van het schoolprogramma moeten blijven vormen, is een uitgemaakte zaak. De recente demografische ontwikkelingen in Nederland laten daar al helemaal geen twijfel over bestaan.

Maar waar te weinig aan gedacht wordt, is dat juist de binnenkomst van zoveel andere culturen het des te noodzakelijker maakt om de eigen Nederlandse cultuur veilig te stellen en hoog te houden, willen wij ooit uitgroeien tot een harmonieuze samenleving. En meer dan iets anders zijn toch de Nederlandse taal en de Nederlandse letterkunde de pijlers van onze cultuur, de taal waarin we ons uitdrukken en de literatuur die ons denken en voelen registreert.

Dan is er de illusie dat iemand die over voldoende vaardigheden beschikt zich alleen daarmee al tot een intellectueel kan ontwikkelen. Professor De Rooy kan het zo mooi zeggen: 'Met kennis zonder vaardigheden doe je weinig, maar vaardigheden zonder kennis zijn leeg.' Of, zoals ik laatst op een poster las: 'Het praat zoveel makkelijker als u wat te vertellen hebt.' Dit advies was gericht tot ouders, maar het wordt hoog tijd dat wij dat hun kinderen ook inprenten.

Niemand maakt mij wijs dat een allochtone leerling die over dezelfde vaardigheden heeft leren beschikken als zijn Nederlandse collega, dan ook dezelfde kansen en mogelijkheden heeft om in onze maatschappij te functioneren en te slagen. Een allochtone scholier begint steeds met een kennisachterstand die met geen vaardigheid is in te lopen omdat hij de handreikingen mist die een Nederlandse scholier overal vandaan kan krijgen. Als er één categorie scholieren is waarvoor naast die vaardigheden een kennispakket van wezenlijk belang is, dan is het deze wel. En anderzijds zou het weleens deze groep kunnen zijn van wie wij de wil en de juiste dispositie kunnen verwachten als het gaat om het behoeden van ons geestelijke erfgoed.

Ander aspect. We praten hier over schoolverlaters die onze toekomstige intellectuelen gaan vormen, onze cultuurdragers. Zou er wel één land zijn waar kennis van de eigen letterkundegeschiedenis geen kerndoel is en dus blijkbaar geen deel hoeft uit te maken van de intellectuele vorming? Is het niet raar dat eerste j aars studenten Nederlands uit St. Petersburg of Moskou meer van onze letterkunde afweten dan onze eindexamenkandidaten vwo en dat, ze meestal nog beter te verstaan zijn ook? In Nederland moet je niet verbaasd staan als een eerstejaars studente al een half jaar colleges loopt in het gebouw aan de Spuistraat te Amsterdam en nog niet weet en kennelijk ook niet wil weten, wie de P.C. Hooft is naar wie dat gebouw genoemd is. Maar misschien heeft ze het ondertussen leren opzoeken.

Is het ook niet vreemd dat we van scholieren wel verwachten dat ze iets of zelfs veel van de anatomie en de werking van de menselijk organismen afweten, maar niets over wezen en waarde van hun moedertaal? Alsof de taal niet alleen 'gans het volk' is, maar ook een venster biedt op de werking van ons brein?

Hoeveel sommige beleidsmakers op hebben met de Nederlandse letterkunde en welke plaats ze die toedenken in de toekomst, bleek mij toen ik zeer onlangs hoorde van plannen, het is nog maar een discussiestuk, maar u weet hoe gevaarlijk die zijn, van

272 I Zorg om het schoolvak Nederlands - Jan Stroop