Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Het multimediale talencentrum: sleutel voor innovatief en zelfsturend taal-leren (Griet Beheydt & Reinhild Vandekerckhove)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

deelnemen aan de discussie via zijn eigen pc.

Een leuke schrijf- en argumentatieoefening is ook dat studenten elk een rol spelen. Zo vertolken ze een standpunt dat ze niet noodzakelijk ook echt delen. Mogelijke rollen zijn de optimist, de pessimist, de advocaat van de duivel, de coach, de onderzoeker, de burgemeester, de bevoegde minister, de oplichter etc.

Links

Een tweede concrete toepassing, die bij uitstek inspeelt op het feit dat een virtuele leeromgeving zelf een webomgeving is, is het aanbieden van allerlei internetlinks naar nuttige sites. Onder het rubriekje external • links kan de docent heel gemakkelijk een aantal links verzamelen, geordend en eventueel van wat commentaar voorzien. Opnieuw kan leesvaardigheid met de twee productieve vaardigheden gecombineerd worden, omdat de studenten na de lectuur hun bevindingen moeten neerschrijven of mondeling meedelen. Ze leren hoofd- van bijzaken onderscheiden, maar ook waardevolle en nuttige informatie van ballast. Een groot voordeel is dat studenten leren omgaan met het medium internet. Het is immers essentieel dat studenten informatie op het net leren opzoeken, selecteren en verwerken. Maar tegelijk is het van belang dat ze daarbij niet verdrinken in de niet te overziene hoeveelheid informatie die het internet aanbiedt. Ze leren gericht naar iets zoeken, in eerste instantie in een beperkt aantal sites. Belangrijk hierbij is dat alles geïntegreerd wordt aangeboden op één plek.

In de praktijk kan een opdracht erin bestaan de leerlingen een trip te laten voorbereiden naar een museum, een concert, een stad enz. De docent biedt een aantal websites aan. Op basis daarvan moeten de studenten de trip voorbereiden: opzoeken van openingsuren, informatie over de inhoud en de opzet van een museum, uren en aansluitingen van treinen en bussen. Afhankelijk van de bestemming kan die opdracht heel beperkt of meer complex zijn. In dat laatste geval (bijvoorbeeld een klasweekend of –reis voorbereiden) kunnen verschillende groepen elk een deel van de opdracht voor hun rekening nemen.

De opdracht bestaat uit een aantal deeltaken. Tot het domein van de leesvaardigheid behoort informatie doornemen, lezen, de belangrijke elementen selecteren. Verder moeten ze de informatie schriftelijk ordenen, overzichten opmaken, samenvattingen uitschrijven van de gevonden gegevens. Soms kan het nodig zijn via e-mail bijkomende informatie te vragen of te reserveren. En ten slotte moeten ze uiteraard mondeling rapporteren aan elkaar over de resultaten, maar ook over de werkwijze, de problemen die ze ondervonden hebben, hun ervaringen enz.

Via dat type opdrachten kan dus de nodige brok cultuur(geschiedenis) en Landeskunde in de lessen worden geïntegreerd. De motivatie bij de studenten is des te groter als ze weten dat ze de uitstap achteraf zelf maken en dat het welslagen van henzelf afhankelijk is. Bovendien leren ze een aantal andere vaardigheden dan de puur talige: leren organiseren, plannen, initiatief nemen.

We eindigen met nog een tweede praktijkvoorbeeld, dit keer rond literatuuronder-

Het multimediale talencentrum - Griet Beheydt & Reinhild Vandekerckhove 1 29