Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: Liefde voor poëzie (Marjoleine de Vos)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

regels die iedereen kan begrijpen en gebruiken, die iedereens Nederlands niet alleen, maar ook iedereens voelen, iedereens blik hebben gevormd en beïnvloed. Op die manier is poëzie in de eigen taal inderdaad machtig, of in ieder geval: belangrijk.

Maar 'iedereen', een woord dat ik zo makkelijk gebruik, wordt steeds minder iedereen als er geen enkel poëzie-aanbod is op school. Als we geloven dat al die kinderen die zich een weg moeten banen door het studiehuis daarna zo snel mogelijk bij een bedrijf moeten opklimmen tot iemand met een aandelenpakket, en dat de school ervoor is om ze zo goed mogelijk te leren hoe ze op internet de beursberichten van minuut tot minuut kunnen volgen, wat moeten ze dan nog met poëzie? Alles.

En bovendien geloven we niet dat dat het doel van een opleiding is. Op school leer je behalve nuttige en praktische dingen ook vormende dingen. Zoals gedichten. Onnuttig en toch belangrijk, onmisbaar om het Nederlands te leren kennen en het Nederlands is de taal waar we het mee moeten, kunnen, willen en zullen doen - wij zijn het Nederlands. Ook degenen die niet van huis uit Nederlands spreken, of misschien juist die, kunnen niet zonder Nederlandse poëzie. En, derde en laatste keer, poëzie is de hoogste vorm van taalgebruik, dus poëzie in het Nederlands is het beste wat iemand kan meekrijgen.

Wie zich minder goed kan uitdrukken heeft altijd een achterstand ten opzichte van degenen die zich goed kunnen uitdrukken, dat is bekend. De laatste tijd kun je weer aldoor in de kranten lezen dat zelfs het al of niet ingewilligd worden van een verzoek om euthanasie minder afhankelijk is van de lichamelijke toestand van de patiënt dan van de manier waarop hij of zij de arts kan overtuigen van zijn of haar doodswens. Nu komt daar geen poëzie aan te pas, zelfs geen romancitaten. Maar dat wil niet zeggen dat men daar in allerlei praktische situaties niets aan heeft. Hoe meer het taalgevoel is ontwikkeld, en hoe meer ook het gevoel, met behulp van de taal, is ontwikkeld, hoe meer nuances en overwegingen iemand zal kennen en tot uitdrukking zal kunnen brengen. Dat alles is voor iedereen, voor elke taalgebruiker van belang.

Maar los daarvan. De rijkdom van het Nederlands bestaat voor een belangrijk deel dankzij de poëzie die erin geschreven is en wordt. En die rijkdom te leren kennen, dat is een van de mooiste dingen die er is. P.C. Hooft lijkt misschien in eerste instantie vooral dulle verplichte kost die onwillige leerlingen door de strot geduwd moet worden, maar wie kans ziet om er met leerlingen wat langer bij stil te staan kan onmogelijk alleen maar verveelde gezichten tegenover zich vinden. Want ook op je vijftiende weet je heel goed dat als je zit te wachten tot Zij of Hij komt, de tijd afschuwelijk langzaam gaat, terwijl diezelfde tijd een spurt neemt als Hij of Zij er eenmaal is. Het kan geen kwaad in dat wachten te denken aan de gezwinde grijsaard van P.C. Hooft, de dichter die dit fenomeen precies en elegant onder woorden heeft gebracht. „Maar 't schijnt, verlangen daar zijn naam af heeft gekregen/ Dat ik den tijd, die ik verkorten wil, verlang." En als de geliefde er is, wie zou dan niet hopen dat hij bij het afscheid zou kunnen zeggen: „Och mijn hart, hoe raak ik van uw hals?/ Laas de dag en wil niet Tijen/ 't Langer vrijen./ Dank hebt van uw zachte kusjes en van

304 1 Liefde voor de poëzie - Marjoleine de Vos