Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: De taal van de nieuwe OALT-leerkrachten (Muzzafer Yanik)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Deze scheiding heeft een discussie doen ontstaan in wetenschappelijke kringen. Prof. dr. Guus Extra stelt dit beleid aan de hand van een tiental stellingen ter discussie. Een aantal van die stellingen is hieronder uiteengezet:

  • In een context van migratie en minderheidsvorming wordt de eigen taal door vele minderheidsgroepen opgevat als kernwaarde van culturele identiteit en emancipatie.

  • Meertaligheid is geen tijdelijk probleem in een multiculturele samenleving, maar vormt daarvan een intrinsieke eigenschap. Er zijn geen voorbeelden van multiculturele samenlevingen die eentalig zijn.

  • De beleidsmatige erkenning van culturele diversiteit vormt geen bedreiging voor sociale cohesie maar een noodzakelijke basisvoorwaarde voor het bereiken daarvan.

  • De meertaligheid van allochtone scholieren in Nederland wordt teveel opgevat als bron van achterstand en problemen en te weinig als bron van kennis en verrijking.

2 Eigen taalonderwijs in discussie

Het onderwijs in de eigen taal en cultuur is voortdurend onderhevig gebleven aan felle discussies. Twee punten kwamen in alle discussies herhaaldelijk aan de orde.

  1. De kinderen volgden de lessen in de eigen taal en cultuur onder schooltijd, waardoor zij op jaarbasis 100 uur van het reguliere onderwijs moesten missen. Dit zou de onderwijsachterstand doen vergroten

  2. Het overgrote deel van de leerkrachten van de eigen taal beheerste het Nederlands niet voldoende en onder andere daarom waren ze niet voldoende onderwijsinhoudelijk toegerust om een inhoudelijke integratie tussen het eigen taalonderwijs en het reguliere onderwijs te kunnen realiseren. Het merendeel van de leerkrachten had (heeft nog steeds) moeite om de ontwikkelingen in het onderwijs bij te houden. De samenwerking die noodzakelijk was voor het tot stand brengen van de integratie tussen het onderwijs van de eigen taal en het reguliere onderwijs liet te wensen over. Sinds 1998 wordt in de onderbouw taalondersteuning gegeven. In sommige gemeenten is alleen voor de taalondersteuning gekozen en is het cultuuronderwijs helemaal afgeschaft.

De praktische uitvoering van dit beleid is gedurende vier jaar niet echt geslaagd. Men heeft gedurende deze tijd niet eens kunnen definiëren wat de taalondersteuning moet inhouden, niet kunnen omschrijven wat de taakomschrijving en de leerkrachtvaardigheden moeten zijn. De inbreng van de eigen taalleerkrachten in het slagen van de praktische uitvoering van taalondersteuning is niet voldoende geweest. Dit heeft naar mijn mening een tweetal redenen: de taalbeheersing van het merendeel is nog steeds niet voldoende en het merendeel van de leerkrachten heeft zich niet kunnen vinden in de taalondersteuning. Die voelen zich als assistenten van de reguliere leerkrachten en worden daarmee gedegradeerd in hun feitelijke functie.

4 1 De taal van de nieuwe OALT-leerkrachten - Muzaffer Yanik