Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: De babbeldoos (Dirk Herfs & Toon Voorjans)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

7 Globale indicatie van ingezette middelen

Er waren geen bijkomende personeelskosten omdat het project gedragen werd door meerdere diensten. Zij stonden in voor de ontwikkeling van het materiaal (de spelborden bijvoorbeeld) en het uitwerken van de activiteiten.

Er werden extra SIF-middelen ter beschikking gesteld van het project. De uitgave van het materiaal werd bekostigd door OVGB Limburg.

8 Tot besluit

De ervaring leert vooral dat er niet altijd extra inspanningen moeten worden geleverd of grote middelen moeten worden ingezet om in het werken met kinderen aandacht te hebben voor de taalontwikkeling. Oog hebben voor taalvaardigheid houdt niet automatisch in dat men naast andere creatieve, uitdagende activiteiten voor kinderen in aparte taaltaakjes moet voorzien. Oog hebben voor taalvaardigheid kan wél uitmonden in het uitwerken van creatieve activiteiten waarbinnen spontane interactie en de motivatie van kinderen om het taalaanbod te willen begrijpen, maximale kansen krijgen. Deze manier van denken blijkt de mensen die werken met kinderen ook beter in staat te stellen om oog te blijven hebben voor de verwevenheid van taal en de andere ervaringen die het kind in zijn leefomgeving opdoet. Het gaat er niet om taal te leren `om taal te leren' maar om taalontwikkeling te zien als een gunstig neveneffect van het opdoen van ervaringen die het kind in zijn totaliteit boeien.

Scholen die hun leerlingen op de voorgestelde manier willen leren kennen en begeleiden, beschikken met het pakket over 60 activiteiten, ruim voldoende voor een jaar samenwerking met een organisatie in het vrije tijdscircuit. Het handboek biedt een leidraad om de werking op te zetten. De thema's hebben een duidelijke structuur (zie bijlage) maar bieden toch de nodige openheid om de activiteiten af te stemmen op de samenwerking met een specifieke partner.

Het materiaal zou ook gebruikt kunnen worden in het kader van de verlengde schooldag.

Scholen zullen vooral moeten investeren in de samenwerking met de externe partners met wie ze scheep gaan binnen het kader van een formeel of informeel samenwerkingscontract. De bevindingen die we hierboven hebben beschreven, resulteren naar ons gevoel onmiddellijk uit een efficiënte samenwerking. Dit betekent in de eerste plaats dat scholen bereid moeten zijn om diensten die vanuit een andere invalshoek met kinderen werken, met open armen te ontvangen. Voor scholen die zich al geruime tijd met onderwijsvernieuwing bezighouden ligt het uiteraard meer voor de hand om vanuit de voorgestelde invalshoek naar 'kinderen' en 'taal' te kijken en om zich open te stellen voor derden die met de leerlingen werken.

De externe begeleiders zullen er zich van bewust moeten blijven dat taal centraal staat in de activiteiten, ondanks het feit dat de aandacht van de kinderen van taal wordt afgeleid. Ze moeten de reflex ontwikkelen dat ze de kinderen ondersteunen in hun ta-

60 1 De babbeldoos - Dirk Herfs & Toon Voorjans