Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 15 | Vijftiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2002)

Bijdrage: De spreekvaardigheid op het Piersoncollege (Margot de Wit)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

mer kan eventueel in een volgende discussie hiermee rekening houden en zijn of haar aandachtspunten verwerken in een volgend voorbereidingsverslag.

Indien mogelijk wordt elke discussie met een camera opgenomen. Elke deelnemer is verplicht een klein verslag te maken.

Opbouw groepsspreekbeurt (= b)

In de inleiding houden de drie of vier hoofddeelnemers een spreekbeurt over hun deelonderwerp. De discussieleider belicht de algemene aspecten van het onderwerp en geeft de nodige achtergrondinformatie. De andere deelnemers gaan in op de argumenten van de voor - en tegenstanders wanneer het een beeldvormende discussie betreft. Gaat het om een probleemoplossend model dan licht elke deelnemer zijn oplossing uitgebreid toe.

De discussieleider noemt de stellingen en/of de gesprekspunten waarover gediscussieerd gaat worden. In de kern van de discussie doet de nevengroep mee door het stellen van kritische vragen, het weerleggen van argumenten en het geven van standpunten.

De discussieleider bewaakt de voortgang, en zorgt voor de afsluiting op een soortgelijke manier als bij de groepsdiscussie. De evaluatie is analoog.

Opbouw documentatiemap

Voor het eerste discussiemodel bevat de documentatiemap de volgende onderdelen, naast de meest voor de hand liggende als inhoudsopgave, inleiding en bibliografie:

  • Een aantal artikelen waarin de stelling of probleemstelling centraal staat.

  • Een minisamenvatting per artikel. Als de artikelen overtuigend zijn, worden de argumenten geanalyseerd.

  • Per artikel een beoordeling waarin de aanvaardbaarheid van de geanalyseerde argumenten besproken worden. Ook wordt ingegaan op de betrouwbaarheid van de bron.

  • De deelnemers schrijven een betoog, de discussieleider schrijft een beschouwing, die gebruikt kunnen worden als basis voor de inleiding.

  • Tenslotte maakt elke deelnemer een voorbereidingsverslag, waarin verteld wordt hoe de discussie is voorbereid. Daarbij gaat het er vooral om dat de leerling zijn eigen spreekgedrag analyseert, zijn of haar sterke of zwakke punten noemt en vertelt op welke manier hij of zij daar in de discussie mee om zal gaan.

Voor het tweede discussiemodel maakt elke deelnemer een GS-map volgens de gebruikelijke eisen. De eindsamenvatting, met daarin onder andere de belangrijkste conclusies van zijn of haar map, wordt gegeven aan de deelnemers van de nevengroep met wie gediscussieerd gaat worden. Tevens worden de belangrijkste stellingen aan hun overhandigd.

De spreekvaardigheid op het Piersoncollege - Margot de Wit 73