taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 16

Zestiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
André Mottart
2003
468 pagina's

zich vooral op het verzamelen van informatie, terwijl het structureren van informatie en het doel- en publieksgericht schrijven minder aandacht krijgen. De leraren geven goed uitleg en ze maken daarbij regelmatig gebruik van voorbeeldteksten. Hardop denkend voordoen en de leerlingen elkaar laten onderwijzen komen als instructieprincipe weinig voor. Tijdens het schrijven bieden de leraren hulp aan de kinderen. Ze besteden echter weinig aandacht aan het (leren) reflecteren op de tekst en op het schrijfproces. Kenmerken van interactief leren komen tot op zekere hoogte voor in het didactisch handelen.

3 De interviews

Nadat bij de leraren drie schrijflessen waren geobserveerd, zijn zij door de onderzoeker geïnterviewd. Dit gesprek is gevoerd aan de hand van een overzicht met vragen.

De meeste leraren (70%) die aan het onderzoek deelnamen, hebben meer dan 10 jaar ervaring in het onderwijs. Hun ervaring met de methode is nog bescheiden (1 of 2 jaar).

Geen van de leraren heeft ooit nascholing gevolgd op het gebied van stellen. Voor zover zij weten komt stellen ook niet of nauwelijks voor in het aanbod van nascholingsinstellingen. Slechts één van de tien leraren heeft de ontwikkelingen op het gebied van taalonderwijs de afgelopen jaren goed gevolgd. Voor de overige leraren geldt dat zij dit slechts in beperkte mate (via praktijkgerichte bladen) of niet hebben gedaan.

De leraren is gevraagd naar hun eigen opvattingen over goed taalonderwijs en goed schrijfonderwijs. Uit de antwoorden blijkt dat er nogal verschillen bestaan in de accenten die gelegd worden. Het bevorderen van het plezier in taal wordt door de meeste leraren genoemd. Daarnaast vindt de helft het belangrijk dat er aandacht wordt besteed aan de formele aspecten van taalgebruik (spelling en interpunctie, formulering en grammatica). Het minst vaak wordt de communicatieve kant van taal genoemd (goed leren communiceren).

Bij de eigen opvattingen over schrijfonderwijs worden 'plezier in schrijven bevorderen' en 'het stimuleren van de creativiteit' van de kinderen het meest genoemd. Naast deze meer affectieve en creatieve doelstellingen vindt iets minder dan de helft van de leraren het van belang dat leerlingen goed hun gedachten kunnen verwoorden en een minderheid (2 leraren) vindt dat kinderen verschillende tesktsoorten moeten leren schrijven. De formele kant van het schrijven (verzorging en correcte formulering) wordt door vier van de tien leraren als belangrijk punt genoemd.

30 1 Schrijfonderwijs in de praktijk

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties