taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Zestiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 16 | Zestiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2003)


Bijdrage: Werken met prentenboeken in de kleuterschool (Raf Somers)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

komt, geëxploreerd wordt. Of omgekeerd: prentenboeken zijn vaak ook mooie afsluiters van een belangstellingscentrum, een echt of een dagthema. Je kunt het prentenboek ook vertellen voor meer kleuters dan die uit je moment van explorerend beleven. Dat komt zeker de verbondenheid en de betrokkenheid ten goede: wij werken rond hetzelfde!

Heel wat activiteiten die zich aanbieden in het zog van een prentenboek (zie hiervoor in 3.1) lenen zich tot heel wat uiteenlopende ervaringssituaties en bieden ervaringskansen voor uiteenlopende ontwikkelingsaspecten. Werken met prentenboeken biedt dus niet alleen kansen voor elk van de 4 ervaringssituaties. Het zijn ook zeer goede gangmakers en blikvangers.

5 Ten slotte: prentenboeken en het reflectiewerk van kleuterleid(st)ers

Als we reflecteren over de zin van het werken met een bepaald prentenboek (het resultaat van deze reflectie komt dan in het klasboek), moeten we ons op de eerste plaats de vraag stellen wat het specifieke is van een bepaald prentenboek. Dat kunnen we doen aan de hand van deze vier vragen:

  1. Wat is de essentie van dit prentenboek?

(Welke boodschap draagt het verhaal uit? Wat draagt het boek in essentie met zich mee? Wat kan de kleuters in het boek boeien?...).

  1. Tot welke ervaringssituatie geeft dit boek vooral aanleiding?

  2. Voor welke ontwikkelingsaspecten (beperk tot bijvoorbeeld 1 of 2) biedt dit boek vooral ontwikkelingskansen?

  3. Waarom kies ik dit boek vandaag voor deze kleuters?

Werken met prentenboeken in de kleuterschool 1 45

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties