taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Zestiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 16 | Zestiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2003)


Bijdrage: Wanneer lezen nauwelijks op gang komt (Erik Billiaert)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

herwaardering van de taakleraar als remedial teacher. Niveaulezen in groepjes is nefast omdat ze maar een fractie van de leestijd zelf oefenen, voor de rest van de tijd horen ze enkel slechte voorbeelden. Lezen in heterogene niveaugroepen is niet steeds realistisch. Individuele hulp kan in sommige gevallen ook betekenen dat ze lezen onder begeleiding van vader, moeder, of van een oudere medeleerling. In dit geval worden deze gecoacht. Gezien het leerproces hier nog volop aan de gang is, blijft de leerkracht of de externe therapeut (bijv. de logopedist) de belangrijkste begeleider.

Een dergelijke gestructureerde aanpak kan heel wat leesproblemen vermijden. Kinderen met een leerstoornis (dyslexie) zullen deze norm niet behalen. Vanafhet derde leerjaar zal langzamerhand moeten worden uitgekeken naar andere vormen van aanpak. Het begeleid lezen is hier een mogelijkheid.

Je neemt een voor dit kind boeiende tekst, liefst op zijn leeftijdsniveau, en je leest dit boek samen met het kind, waarbij je een aantal technieken toepast. Hierbij is er een belangrijke regel: zorg ervoor dat het lezen voor het kind geen te grote karwei wordt. Geef dus voldoende leessteun en beloon op één of andere wijze het kind voor zijn inspanningen. Je neemt teksten op zijn leeftijdsniveau omdat je anders het kind schade toebrengt. Blijven lezen op het technisch leesniveau van het kind heeft als gevolg dat je het kind niet alleen een ganse woordenschat ontneemt maar ook tal van inhouden die boeiend zijn. In het derde leerjaar las Tom dan ook het boek Griezels van Roald Dahl (AVI 7, terwijl Tom AVI 1 niet beheerste). Anneke (AVI 5) las in het vijfde leerjaar 'alleen op de wereld' een mooi geïllustreerde uitgave maar geschreven op een meer dan AVI 9 niveau, en Bart las liever stukjes uit padden verhuizen niet graag (Brands). Het hoeft dus niet om een traditioneel leesboek te gaan, het kan ook een weetjesboek zijn.

Daarnaast blijfj e werken met woordenrij en. Woordenrij en kun je immers blijven gebruiken voor het oefenen op synthese en voor het automatiseren van de letter-klankkoppelingen. Dit systematisch oefenen zal immers ook moeten gebeuren wanneer vreemde talen worden geleerd.

Begeleid lezen betekent dat je allerlei technieken laat gebruiken waardoor het lezen gemakkelijker wordt. Hierbij keren we terug naar twee belangrijkste pijlers die het handelen sturen: het koppelen van wat je hoort aan wat je ziet en het beklemtonen van de woordopbouw. Wanneer bijv. een ouder ook thuis wil helpen bij het lezen, zal de 'deskundige' hulpverlener die ouder moeten coachen. Ouders coachen betekent handelen. Hierbij stel je je vragen over: hoe staan ouders tegenover hun leeszwakke kind? Wat zijn de mogelijkheden van de ouders? Hoe kunnen ze hun kind begeleiden? Welke hulpmiddelen kunnen worden gebruikt bij het lezen? Wat kan er thuis worden gelezen? Hoe kunnen de ouders worden ondersteund? Welke

Wanneer lezen nauwelijks op gang komt 1 9

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties