taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Achttiende conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 18 | Achttiende conferentie Het Schoolvak Nederlands (2005)


Bijdrage: De school als schrijfpaleis! Hoe leerlingen liever en beter leren schrijven? (Martien Geerts)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

reageren. Begint het schoolfeest 's morgens al? Wie stuurt wie naar bed: stuurt het meisje haar moeder naar bed?

Verlies het belang van positieve feedback niet uit het oog. De leerkracht moedigt aan, bevestigt, geeft schouderklopjes, ... Voor elke leerling, taalzwak en taalsterk, vormt positieve feedback en het geloof van de leerkracht in hun kunnen een sterke drijfveer om verder te werken. Een voorbeeld:

Het is half twaalf. In het klasje van juf S. zitten achttien tweedeklassertjes dialogen te verzinnen voor de tekst ballonnetjes van een leuke strip. De juf circuleert door de klas om de leerlingen bij deze schrijfopdracht te ondersteunen. A., een allochtoon meisje, heeft het moeilijk. Juf S. stelt vast dat ze nog niets heeft opgeschreven en knielt naast haar neer. lukt het niet?' A. staart wat wezenloos voor zich uit. 'Hier, laten we eens naar dat eerste prentje kijken,' suggereert de juf. Die gekke ober komt binnen met die schotel. Wat zou die zeggen tegen de poes?' De poes waar juf S. op doelt, is de klant in een restaurant. Er komt geen antwoord. 'Wat denk je?' probeert de juf nog eens. A. blijft zwijgen. Juf S. wacht nog even, knipoogt naar een kind in de verte dat haar roept, en vraagt: 'Zou die ober zeggen: Hier, alsjeblieft, meneer de poes, hier is de slechtste worst van de wereld. En ze stinkt verschrikkelijk!" 'Neer roept A., terwijl ze het uitproest van het lachen. Juf S. hijst zich lachend recht. Schrijf jij, als je uitgelachen bent, dan maar eens wat de ober wel zegt. Ik kom het dadelijk lezen.' Ze lacht nog even na en gaat dan naar de ongeduldige leerling die haar eerder wenkte. Een paar minuten later staat ze terug naast A., leest wat ze geschreven heeft ('hier is een lekere worst meneer.) en aait haar over het hoofd. Dat gaat heel goed, hé meisje...' fluistert ze (Kris Van den Branden 2000).

Probeer ook na het schrijven zowel inhoudelijke als vormelijke feedback te geven op het schrijfproduct. Achteraf enkel feedback geven op het niveau van spelling en grammaticafouten geeft de leerlingen de (meestal verkeerde) indruk dat hun tekstje inhoudelijk wel in orde is of dat enkel spelling ertoe doet.

Geef ook nu feedback op zodanige wijze dat de leerling zelf nog een mentale inspanning moet leveren bij de verbetering. Met andere woorden: verbeter de tekst niet in de plaats van de leerling, maar geef hem voldoende aanwijzingen om het zelf te doen.

4 Besluit

De bovenstaande tips kunnen helpen om je schrijfonderwijs te verrijken. Als je je blik daarbij verruimt en schrijven niet enkel binnen het vak `taal(vaardigheid)' een plaats geeft, maar kansen ziet en benut om schrijven te integreren in wereldoriëntatie, muzische vorming, ... , als je over schrijfonderwijs overlegt met je collega's (Hoe proberen we het schrijfplezier te verhogen? Welke schrijftaken geven we? Hoe ondersteunen we? Hoe evalueren we? ...) en dus buiten de muren van je eigen klas treedt, ben je goed op weg om van je school een schrijfpaleis te maken! Je kan je hiertoe ook inspireren via het bronnenboek 'Het Schrijfpaleis' (Geerts e.a. 2004). Dit boek bevat 25 uitge-

54 1 De school als schrijfpaleis! - Martien Geerts

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties