taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Conferentiebundels

Bundel 18

Achttiende conferentie Het Schoolvak Nederlands
André Mottart
2005
208 pagina's

tie uit. Vanuit het perspectief van een interactieve taalzaakvaldes is het vrijwel ondenkbaar dat in een dergelijke les geen sprake zou zijn van horizontale interactie. In de lessen die door leerkrachten zelf verrijkt zijn, zien we dan ook dat zij vrijwel altijd coöperatieve werkvormen opnemen. Minder aandacht besteden leerkrachten aan de verticale interactie, terwijl deze vorm van interactie vaak heel essentieel is. Het niet voldoende aandacht besteden aan deze vorm van interactie, leidt niet zelden tot lesmomenten die weliswaar interactief bedoeld zijn, maar toch verlopen volgens het traditionele zonpatroon.

Interactieve gesprekken met kinderen voeren vergt nogal wat van de leerkrachtvaardigheden. Het bewust zijn van valkuilen voor verticale interactie kan een eerste stap zijn. (Zie ook Brouwer, 2001). Het hier gericht en planmatig aan werken is een tweede belangrijke stap, die zijn vruchten zondermeer afwerpt. De verticale interactie verdient dan ook blijvend aandacht binnen een interactieve taalzaakvakles.

6 Tot slot

Het blijkt in de praktijk goed mogelijk om zaakvaklessen te verrijken door er expliciet, talige activiteiten aan toe te voegen. Elke verrijkte les is winst, zowel voor het taal-als voor het zaakvakonderwijs. Deze verrijkingsactiviteit vergt echter nogal wat inspanning van leerkrachten en veronderstelt tevens van hen een goed zicht op de kerninhouden voor zowel taal als de zaakvakken. Dit vraagt in het algemeen een goede en langdurige ondersteuning van de leerkrachten. Wil het taalzaakonderwijs echt van de grond komen, dan zouden er naar meer structurele aanpakken gezocht moeten worden waarbij de leerkrachten expliciete aanwijzingen krijgen voor het uitvoeren van de taalzaakvakles. Hierbij zou naast de aandacht voor afstemming van de curricula voor taal- op zaakvakonderwijs, ook aandacht besteed moeten worden aan de wijze waarop de interactie vorm en inhoud krijgt. Bij dit laatste zou de focus niet alleen moeten liggen op het toepassen van coöperatieve werkvormen voor en door de leerlingen, maar zou ook er ook aandacht moeten zijn voor de wijze waarop de leerkracht interactieve gesprekken met kinderen kan voeren. Immers: horizontaal en verticaal, een interactieve taal-zaakvakles heeft het allemaal!

Noten

1 Het project Taal bij ander vakken is een project van SLO. Leden van de projectgroep: Theo Beker, Cees Hageman, Tjalling Brouwer en Marja van Graft (projectleider).

2 Omdat het in dit artikel niet de bedoeling is om een oordeel over bestaande methoden uit te spreken is het voorbeeld niet rechtstreeks ontleend aan een bepaalde methode maar is de voorbeeldles samengesteld op basis van lessen zoals die in het onderzoek aangetroffen zijn in methoden voor zaakvakonderwijs. De verrijkte les is qua aanpak gebaseerd op een les zoals die gegeven is door een van de leerkrachten die begeleid is door de projectgroepleden. Een gedeelte van deze les is getoond tijdens de 18e HSN-conferentie op 20-11-2004.

Horizontaal en verticaal: een interactieve taalzaakvakles heeft het allemaal - Tjalling Brouwer 19

© Nederlandse Taalunie, 2000-2009 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties