Doorzoek alle bundels


Bundel 20 | Twintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2006)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »
Lees samenvattingen van de bijdragen in bundel »

Bijdrage: Natuuronderwijs en schrijfonderwijs met ICT geïntegreerd (Marieke Willemen, Jeannette Haveman, Mieke Smits & Joke Voogt)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

TWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

schema 2: woordenschat

 

Vaktaal

Algemene taal

Taaldenkrelatie/

Signaalwoorden

•   aarde

Expliciet aanbod taal gr 5-6:

•   als...dan

•   atmosfeer

•   Meten

•   omdat

•   lucht

•   Vergelijken

•   want

•   deeltje

•   Uitleggen

•   dus

•   gewicht

•   Observeren

•   eerst

•   kracht

•   Beschrijven

•   ten eerste

•   volume

•   Verschijnsel

•   ten tweede

•   temperatuur

•   Proef

•   vervolgens

•   luchtdruk

•   Experiment

•   daarna

•   druk

•   Zie ook de woorden op de

•   ten slotte

•   hoge druk

doe-kaarten

•   ook

•   lage druk

(materialen en voorwerpen)

•   maar

•   evenwicht

 

•   overigens

•   wind

Expliciet aanbod taal alleen gr 7-8:

•   trouwens

•   windkracht

•   Meten

 

•   windsterkte

•   Weergeven

 

•   barometer

•   Interpreteren

 

•   instrument

•   Conclusie

 

 

•   Verklaren

 

 

•   Model

 

 

•   Zie ook de woorden op de

doe-kaarten

 

 

(materialen en voorwerpen)

 

Wat en hoe bij schrijfonderwijs

Ook in het schrijfonderwijs onderscheiden we wat en hoe. Het wat heeft betrekking op het ontwikkelen van kennis, gericht op het kiezen van de juiste woorden en het formuleren van grammaticaal correcte zinnen die het denken representeren. Zeker als de tekst voor iemand anders is bedoeld, dienen de formuleringen passend te zijn bij het doel, het publiek en de presentatie. Dat betekent dat leerlingen zich conceptueel moeten ontwikkelen op het gebied van de grammatica, de spelling en de communicatieve settings (pragmalinguïstiek) waarin teksten functioneren.

Kortom, om een goede tekst te schrijven, moet er veel denkwerk worden verricht. Het proces van de conceptuele ontwikkeling, het vinden van de juiste woorden, het formuleren van zinnen die zijn afgestemd op doel, publiek en presentatie, verloopt in fasen (zie schema 3).

132