taalunieversum

Direct naar menu
U bent hier: taalunieversum » onderwijs » conferentie het schoolvak nederlands »

Twintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands

Bundel 20 | Twintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands (2006)
Download deze volledige bundel in PDF-formaat »
Lees samenvattingen van de bijdragen in bundel »


Bijdrage: Ik studeer (in het) Nederlands!? 'Academisch Nederlands' Taalondersteuning in het Nederlandstalig Hoger Onderwijs in Brussel (Elke Schellekens, Jona Hebbrecht en Kim Willems)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

10. Competentieleren

Ondersteuning voor studenten

Studenten die tijdens hun studies geconfronteerd worden met talige problemen kunnen in alle partnerinstellingen terecht in een ondersteuningscentrum academisch Nederlands (OC), waar ze gratis taalbegeleiding krijgen. Het project richtte zich aanvankelijk vooral tot taalzwakke studenten uit Franstalige gezinnen en tot meertalige allochtonen met een diploma van het Nederlandstalig secundair onderwijs. De praktijk heeft echter uitgewezen dat ook vele moedertaalsprekers van het Nederlands problemen hebben met de beheersing van het Nederlands op academisch niveau.

Een student kan op eigen initiatief of op vraag van een docent gebruik maken van de taalbegeleiding. Sommige instellingen of opleidingen opteren ervoor om hun studenten een motivatietekst te laten schrijven, waarin zij hun keuze voor een bepaalde instelling of studie motiveren. De tekst wordt verbeterd met een speciaal daarvoor ontwikkelde correctiesleutel, die samen met een aantal docenten Nederlands van de partnerinstellingen werd opgesteld. Als de studenten de vooropgestelde norm - die bepaald wordt op basis van een analyse van de talige eisen van de opleiding - niet halen, worden ze uitgenodigd voor een diagnostische toets.

De diagnostische toets werd speciaal ontwikkeld om de onvolkomenheden in het academische taalgebruik van studenten te leren kennen. Om een zo goed mogelijk beeld te vormen van de knelpunten en hun oorzaak, van de motivatie van de student en van de mogelijkheden die de student heeft om aan academisch Nederlands te werken, wordt elke toets achteraf met de student besproken. De informatie uit de toets en het gesprek vormen de basis voor een individueel taalbegeleidingsprogramma.

In het ondersteuningscentrum wordt aandacht besteed aan zowel schriftelijke als mondelinge academische vaardigheden. Studenten krijgen tips bij het schrijven van een paper of werkstuk, ze leren hoe ze teksten moeten (her)schrijven, ze leren een onderscheid maken tussen teksten bestemd voor studie en teksten voor andere doeleinden, etc. Daarnaast leren ze ook een presentatie opbouwen, (kritische) vragen stellen, een mening formuleren, enz. Ten slotte komen ook grammatica en academische woordenschat aan bod.

Sommige knelpunten dienen individueel benaderd te worden, andere worden in groep besproken. De remediëring verschilt van student tot student en steunt op een grondige analyse van de vereiste taalvaardigheid binnen de academische en beroepsspecifieke context van de begeleide student. Concreet betekent dit dat het werkmateriaal grotendeels uit de opleiding zelf komt: cursussen, handboeken, eerder geschreven werkstukken, voorbeelden van examenvragen en opdrachten, etc. Zo wordt de tijd die de student in de remediëring investeert optimaal benut en geïncorporeerd in de normale studielast.

229

© Nederlandse Taalunie, 2000-2012 alle rechten voorbehouden
WegwijzerColofonContactVrijwaringOpmerkingen en reacties