Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Zes niveaus van literaire ontwikkeling (Theo Witte)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

5. Literatuur

tuuronderwijs. Om dit probleem op te lossen, ben ik in 2000 een promotieonderzoek gestart naar de literaire ontwikkeling van leerlingen in de bovenbouw havo en vwo (derde graad). Samen met diverse docenten heb ik een instrumentarium ontwikkeld, waarmee de docent de literaire ontwikkeling van leerlingen kan volgen en verder kan stimuleren (Witte 2008). Eén van de concrete uitkomsten is een zestal competentieprofielen, waarmee een antwoord wordt gegeven op de volgende vragen: wat is het leesniveau van de leerling, welke boeken en opdrachten stimuleren zijn ontwikkeling en welke didactische aanpak past daar het beste bij? Vanuit die profielen, verwacht ik, kan een didactiek ontstaan waarmee leerlingen en docenten meer succes kunnen ervaren.

2. Zes niveaus

In gezamenlijk overleg bepaalden we voor de bovenbouw het aantal niveaus van literaire competentie op zes. Niet minder omdat er dan nauwelijks sprake meer is van differentiatie, maar ook niet meer omdat dan het onderscheid te subtiel is en de docent de verschillen niet meer ‘met het blote oog’ kan waarnemen. Niveau één ligt onder het niveau dat docenten in havo/vwo 4 verwachten, het tweede niveau is het gewenste startniveau, niveau drie is het normniveau voor havo, niveau vier voor vwo, niveau vijf staat voor een excellent havo-examen en een goed vwo-examen, en niveau zes is de absolute top die we aantreffen bij (literair) begaafde leerlingen op het vwo en gymnasium. In deze bijdrage kan ik slechts een tip van de sluier oplichten en zal ik schetsmatig alleen de verschillende leesniveaus kort beschrijven.

2.1 Niveau 1: Zeer beperkte literaire competentie

Leerlingen van dit niveau hebben moeite met het lezen, begrijpen, interpreteren en waarderen van zeer eenvoudige literaire teksten. Ze vinden het vervelend om zich voor literatuur in te spannen en praten moeilijk over hun leeservaringen en smaak. Hun leeswijze is als belevend lezen te typeren en reflectie is dus vrijwel afwezig bij hen. Hun voorkeur gaat uit naar boeken die:

  • een ruime mate van spanning (actie) en drama (emotie) herbergen;

  • geschreven zijn in eenvoudige, alledaagse taal;

  • qua inhoud en personages nauw bij hun belevingswereld aansluiten;

  • een heldere en eenvoudige verhaalstructuur hebben.

Representatief voor dit niveau zijn de boeken van Yvonne Keuls (Het verrotte leven van Floortje Bloem) en jeugdliteratuur van bijvoorbeeld Carry Slee en Jan Terlouw.

5

151