Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Van biezenstekkers, rijke luizen en lieden op de dool. 19de-eeuwse teksten in de klas (Johan van Iseghem)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

TWEEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

een achterkamer. Allen schrikken op wanneer een belleman roept in de nacht: “Het water komt!” Ze snellen weg. Baaske-Wie blijft achter. Hij hoort de noodklok en wekt zijn vrouw Mele. In huis staan er al plassen. Mele begint met planken, stenen en modder een ‘houten dijk’ te timmeren. Baaske-Wie beeft van de schrik: hij hoort de razende storm, zwepen, het geloei van opgejaagd vee, rumoer en geroep van mensen die vluchten, hogerop, dóór zijn straat. Hij wil dat ook doen, maar Mele bouwt verder.

Ook zijn vader vindt dat ze zich uit de voeten moeten maken. Baaske gaat de toestand inschatten. Buiten ziet hij hoe de vluchtende burgemeester wordt vermoord: Leu en Andrie springen over de haag van de boomgaard, trekken hem van zijn paard en snijden hem de hals over. Het rode oog van Andrie blinkt groot, rond en vervaarlijk. Ontzet gaat Baaske weer binnen. Mele wroet verder. De ‘dijk’ kraakt, maar houdt stand. Zwijgend haalt Mele hun twee koeien en de konijnen in huis. Het water stijgt: de konijnen zwemmen naar de zolderdeur en gaan op de trappen zitten.

Mele en de vader gaan naar bed, Baaske-Wie blijft onthutst zitten. De storm luwt, de regen houdt op, speelkaarten dansen op het water wanneer de koeien bewegen. In het ochtendlicht ‘herdenkt’ Baaske-Wie deze nacht. “Zeg mij wat er gebeurd is”, mompelt hij. Hij ziet verwarde beelden, chaos en vernieling, maar vooral ‘Andrie zijn oog, milledjie!’ Hij veert recht bij de gedachte en kijkt door het raam. Aan de hemel wapperde de zon als een gouden vaandel.

3. Gedachtewisseling

3.1 Tijdens lezen of luisteren

Dit verhaal ‘drijft’ op sterke epische kwaliteiten. We kunnen het aanbieden als geheel (lezen, luisteren), maar ook stapsgewijze met technieken van voorspellend luisteren. Momenten waarop we kunnen onderbreken om verwachtingen te verwoorden, zijn o.a. de passage waar

  • Andrie naar buiten gaat;

  • Leu waarschuwt voor dijkbreuken, terwijl niemand hem gelooft;

  • Baaske-Wie overweegt om te vluchten;

  • het paard van de burgemeester steigert.

Belangrijk:

‘voorspellingen’ laten motiveren: het is geen gokspel.

168