Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Het hoge woord moet eruit. Taalbeleid en taalpraktijken in het gelijkekansenonderwijs (Tineke Padmos)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

TWEEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

vormen als het ware eilandjes van goede taalpraktijken in de school. Sommige leerkrachten blijken op een meesterlijke manier met hun leerlingen te communiceren. Zo kon een leerkracht ‘handelsrekenen’ schijnbaar moeiteloos informatie uit haar leerlingen halen en die integreren in de les, omdat ze wist dat haar kansarme leerlingen over veel financiële kennis beschikken omdat ze thuis de boodschappen doen, de gezinsadministratie voor hun rekening nemen of een bijbaantje hebben. Of nog: de leerkracht ‘opvoeding’ nam de inzichten van haar allochtone leerlingen, die vaak op een kleiner broertje of zusje passen, als vertrekpunt voor een les over ontwikkelingspsychologie. De onderzoekers stelden vast dat niet alleen de motivatie in zulke lessen opvallend hoog is, ook de schooltaal verbindt zich naadloos met de al aanwezige inhoudelijke en talige kennis van de leerlingen.

  1. Authentieke taaltaken

Met name in de beroepsrichtingen zijn de laatste jaren onderwijsvernieuwingen doorgevoerd, waardoor het onderwijs veel meer wordt toegesneden op de werkvloer. Dit blijkt heel wat goede taalpraktijken met zich mee te brengen. Zo is het vak ‘kantoortechnieken’ omgevormd tot een ‘virtueel kantoor’ waarin leerlingen samen de verschillende afdelingen van de administratie van een imaginaire onderneming verzorgen. Allerlei aspecten van functionele taalvaardigheid komen hierbij op een natuurlijke wijze aan de orde: telefoneren, werkinstructies lezen, brieven, offertes en bestellingen opstellen, etc. Sommige richtingen ‘carrosserie’ hebben er voor gekozen om als een echte garage met echte klanten te gaan werken. Hier is de ontwikkeling nog niet zo ver gevorderd als in het ‘virtueel kantoor’. Wel worden de leerlingen er bijvoorbeeld prijsbewust gemaakt doordat ze zelf de factuur van hun werk moeten opstellen. Zo kunnen taaltaken zonder veel moeite in een praktijkvak worden geïntegreerd.

  1. Sterk inzetten op functionele taalvaardigheid

Hoe kun je die goede praktijken nu benutten om in een school een effectiever taalbeleid op te zetten? Dat kan door sterker in te zetten op de bevordering van functionele taalvaardigheid in de taalvakken én in de niet-taalvakken. Het werken aan functionele taalvaardigheid biedt veel perspectieven om ook in de technische en praktijkvakken actief met taalverwerving bezig te zijn. Praktijkleerkrachten tonen zich het meest huiverig om de rol van ‘taalleerkracht’ op zich te nemen. Ze vinden dat ze daarvoor onvoldoende kennis en vaardigheden in huis hebben. Door in het taalbeleid meer in te spelen op hun specifieke deskundigheid – kennis van de werkvloer en de functionele geletterdheid die daar nodig is – kunnen juist deze praktijkmensen een wezenlijke bijdrage leveren aan de taalvaardigheid van leerlingen die daar het meeste nood aan hebben. Een bijdrage waarvan de leerkrachten wellicht ook zelf het nut kunnen inzien.

298