Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Nederlands leren: een kritische blik vanuit de andere kant (Abdelkahim Boutamgharin & Aline Marini Minoda Prado)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

TWEEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

kunnen geven. Wel vragen we begrip voor het feit dat ons Nederlands vaak niet vlekkeloos is. We bedanken Joop Wammes voor het adviseren over en het redigeren van deze tekst. We gebruiken in de kern van dit artikel, vanwege de redactionele eenvoud, vaak de derde persoon.

Alyne komt uit Brazilië. Ze is daar geboren en opgegroeid. Ze heeft zeven jaar Engels geleerd in het reguliere onderwijs (middenschool en eindschool). Daarnaast heeft ze Engels gevolgd op een privéschool, omdat ze niet tevreden was over de manier waarop Engels in het gewone onderwijs werd aangeboden. Abdelhakim komt uit Marokko. Hij is daar geboren en opgegroeid. Zijn moedertaal is het Berber, en hij heeft het Arabisch, het Frans en het Engels als nieuwe taal op school geleerd. Hoewel alle leerlingen in de klas Berbers waren, was de voertaal het Arabisch. Geen enkele docent beheerste overigens het Berber. Na enkele jaren werden de onderdelen Frans en Engels toegevoegd. Frans is in het Marokkaanse onderwijs de belangrijkste vreemde taal. Beiden wonen sinds 14 maanden in Nederland en ze hebben allebei één jaar een fulltime voorbereidingscursus voor het Hoger Beroeps Onderwijs gevolgd.

In de presentatie worden onder meer de volgende elementen besproken:

  1. functionaliteit van de methode;

  2. grammatica;

  3. inhoud;

  4. rol van de docent.

Als het om functionaliteit gaat, moeten de lessen de natuurlijke situaties van de dag als uitgangspunt nemen. Bijvoorbeeld: naar de markt gaan, naar de doktor gaan, iets bestellen in de bar, een interview in het hbo afnemen, etc.

In de reguliere school van Alyne is met betrekking tot het Engels helemaal niet volgens een functionele aanpak gewerkt. Dat was ook onmogelijk, want er was slechts 1 lesuur per week in een klas met 40 leerlingen. De docent praatte overigens vanaf het begin in het Engels. In de privéschool daarentegen werd het Engels duidelijk met een functionele methode aangeleerd. Het was een veel kleinere klas van 15 leerlingen, die veel met elkaar konden oefenen.

In Abdelhakims situatie was het onderwijs in het geheel niet functioneel. Zowel bij Frans als bij Engels bestond het onderwijs voornamelijk uit tekstverklaring. Er werd niet praktisch geoefend, bijvoorbeeld door rollenspel. In de klas zaten 30 leerlingen, dus dat was niet helemaal onmogelijk geweest. Omdat het Engels niet echt belangrijk werd bevonden, is dat enigszins te begrijpen. De functionele toepassing van het Frans zou daarentegen erg belangrijk zijn geweest. Als je gaat studeren, moet het Frans ook mondeling gebruikt kunnen worden. Maar dat werd dus niet gedaan. Bij Frans, Engels en de andere vakken spraken de docenten wel (bijna) volledig in respectievelijk het Frans, het Engels en het Arabisch.

308