Doorzoek alle bundels

Zoek in de bundels:
Uitgebreid zoeken »

Bundel 22 | Tweeëntwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands (2008)

Download deze volledige bundel in PDF-formaat »

Bijdrage: Natuurlijk Schrijven. Onverschillige leerlingen worden bevlogen schrijvers (Marleen Claessens)
Download deze bijdrage in PDF-formaat »

Recognized HTML document

TWEEËNTWINTIGSTE CONFERENTIE HET SCHOOLVAK NEDERLANDS

  1. Waarom zou iemand zo’n tekst willen schrijven?

Om die behoefte goed te voelen, duik ik in mijn eigen ervaringen en ga op zoek naar concrete schrijfmomenten.

Voorbeeld: ik schreef onlangs een wervende mail voor mijn schrijftrainingen.

Als ik zelf de functie van zo’n tekst goed gevoeld heb, stel ik de derde vraag, gericht aan de studenten.

  1. Welke ervaringen hebben jullie bij deze schrijfhandeling?

Ik vraag hen naar concrete communicatieve momenten waarop ze overtuigden, informeerden, instrueerden etc.

Voorbeeld: “Zoek eens naar momenten waarin je iemand iets hebt uitgelegd?” Studenten hoeven overigens niet per se al schrijfmomenten te hebben; het kunnen ook mondelinge momenten zijn. Dan vraag ik: “Stel dat je dit via een geschreven tekst zou zeggen, hoe ziet die tekst er dan uit?”

Als deze vragen zijn beantwoord, bepaal ik aanleiding en doel. Ik leg het hieronder uit met een concrete oefening.

Opmerking 1:

Ik doe alleen een bepaalde oefening als er een herkenbaar schrijfprobleem is. Voorbeeld: ondanks het mantra “Richt je op de lezer” lukt het studenten vaak niet om strategisch te denken. Ze gooien of hun eigen ruiten in (te weinig diplomatiek) of zijn zó beleefd dat ze hun eigen belangen niet weten veilig te stellen (ze geven geen grenzen en voorwaarden aan).

Opmerking 2:

Voor het precieze doel leef ik me in het probleem van de studenten in. Van daaruit focus ik op de te bereiken situatie.

Voorbeeld: ik wil dat studenten de juiste balans kunnen vinden tussen het eigen belang en dat van de lezer; inhoud, toon, opbouw zijn op hem afgestemd.

  1. De opbouw van een oefening

De oefeningen bestaan uit vaste onderdelen. Ze geven mijzelf steun en ze zorgen dat alle studenten meedoen. O ja: we zitten per definitie in een carré!

1. Introductie van het onderwerp: ik vertel een eigen ervaring. Voorbeeld: ik beschrijf een ergernis over iemand uit mijn eigen leven.

326